Veel sprookjes eindigen met de zin ‘En ze leefden nog lang en gelukkig’. Sprookjes gaan vooral over jeugd en eeuwige gelukzaligheid, over jonge mensen, die nog een lang leven voor de boeg hebben. Als er een ouder iemand in voorkomt is het een gemene stiefmoeder of een oude tovenaar. Niemand vraagt zich af: ‘En wat gebeurt er verder in het sprookje als de prins en de prinses zelf kinderen krijgen en een kroon van grijze haren dragen?’ Sprookjes laten iets van het menselijke leven zien in tijdloze beelden. Je wordt gewaarschuwd voor moeilijkheden of gevaren, denk maar aan Roodkapje. Maar ook worden er beloften en mogelijkheden in het vooruitzicht gesteld, als je allerlei beproevingen weet te doorstaan. Ik moet aan sprookjes denken, omdat ik al een paar dagen een vervelend gevoel in mijn lijf heb; een gevoel van ‘hoezo en ze leefden nog lang en gelukkig?’ Lees verder
En ze leefden nog lang en gelukkig
10 woensdag sep 2014
Posted in Ouder worden