‘Leven in de brouwerij’

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 20210408_160447.jpg

Aan het saaie coronaleven lijkt een einde te komen. Tweede Paasdag heb ik de eerste coronaprik gekregen en vanaf 21 april wordt de lockdown versoepeld. Dat alles is een feestelijk moment. Ik snak er naar om mijn kinderen weer te kunnen omhelzen, mijn kleinkinderen te knuffelen, mijn broers en zussen een zoen te geven op beide wangen en mijn vrienden een hand of een hug te geven.

Het zwaarste van de coronaperiode van meer dan een jaar is voor mij het gemis aan persoonlijke, intieme contacten met je dierbaren. Niet eerder in mijn leven – vierenzeventig jaar – ben ik zo lang op de proef gesteld in dit levensgebied van sociale contacten. Zeker zo belangrijk is het levensgebied van zingeving en inspiratie. Voor iedereen in ons land is het zeer gewenst dat er weer ruimte komt om andere mensen te ontmoeten of naar theater, museum, dierentuin en pretpark te gaan. En hoe verlangen we er allemaal naar een terrasje te pikken en daar met andere mensen over van alles en nog wat te kunnen kletsen. Al dit soort mogelijkheden maakt dat je een prettig leven kan leiden. Natuurlijk speelt ook mee of je financieel redelijkerwijs rond kan komen en of je gezondheid zodanig is dat je het leven de moeite waard kan blijven vinden. Wel is het zo dat ieder mens zelf bepaalt welke accenten op de diverse levensgebieden de doorslag geven of het leven prettig is.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 20210403_134822.jpg

Ik merk dat ik in de pensionado fase meer dan daarvoor op mijzelf ben aangewezen als het gaat om zoeken naar ‘leven in de brouwerij’ liefst in combinatie met warme contacten. Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat mijn lief en ik dat samen kunnen doen. Die warme contacten kunnen er in allerlei gradaties zijn. In onze innercircle zitten mensen bij wie wij ons maximaal veilig en vertrouwd voelen. Daaromheen zijn mensen die ons dierbaar zijn, waarvan sommigen dichtbij ons staan en anderen meer op afstand. Al die contacten hebben hun eigen dynamiek en intensiteit al naargelang onze leefsituatie. Nu we door corona geen verre reizenvakanties meer kunnen en willen maken, hebben we bedacht dichterbij bij huis te blijven. Sinds twee weken hebben wij een chaletje op een camping aan een meer in Friesland.

Eerlijk gezegd heb ik mij altijd verzet tegen allerlei stereotype beelden en gedragingen die je krijgt als je gepensioneerd bent: een volkstuintje huren, je gewone fiets inruilen voor een elektrische fiets mét helm, een trekhaak voor een fietsendrager op je auto laten zetten of verhuizen van een groot huis naar een appartement. We doen het inmiddels allemaal en vinden het nog leuk en de moeite waard ook! En dan nu kopen we een stacaravan op een camping met weinig privacy om je heen…..Het coronagebeuren heeft ons er toe gebracht, simpelweg omdat we daar onze leefruimte mee vergroten waar we mensen kunnen ontmoeten. De keuze voor Friesland heeft te maken met het feit dat mijn broer al dertig jaar op die camping een stacaravan heeft en ook enkele vrienden van hem, die wij kennen.

Zoals wij ons pensionado leven invullen heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat we gezond zijn en dat we ons zo’n chaletje financieel kunnen permitteren. Onze ervaring is dat in alle levensfasen geldt dat het leven de moeite waard is als je blijft zoeken naar ‘leven in de brouwerij’ en naar inspiratie en zingeving vanuit je eigen mogelijkheden.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is img-20201009-wa0007.jpg

We stellen ons voor dat we de komende lente- en zomermaanden, als we zin hebben en het mooi weer is, we in de auto stappen en naar Friesland rijden om daar dan telkens een paar dagen te blijven. Onze eerst lentetrip hebben we de dagen voor Pasen gehad en zelfs hebben we al de meeste van onze directe buren ontmoet. Iedereen heeft ons enthousiast welkom geheten… wat wil je nog meer?!

Verleden-heden 2

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 61ty8xv577l._sx323_bo1204203200_.jpg

Naast het lezen van Revolusi van David Reybrouck, lees ik ter afwisseling Utopia Avenue van David Mitchell. Deze roman volgt de fictieve rockband Utopia Avenue, opgericht in Soho, Londen in 1967. Ze wordt als groep bij elkaar gebracht als een psychedelisch-folk-rock supergroep. In het boek komen beroemde zangers en bandleden uit die tijd voorbij: David Bowie, Leonard Cohen, Jackson Brown, John Lennon, Jimi Hendrix, Janis Joplin, Jim Morrison, Brian Jones en nog meer. Tijdens het lezen moet ik telkens terugdenken aan een mooie en bijzondere tijd uit mijn leven, beginnend op mijn zestiende.

Ik heb in die jaren geen specifieke popidolen, waar ik op wil lijken, maar één ding is zeker: ik laat mijn krullend haar lang groeien en zo gauw dat kan, laat ik mijn sik staan. Ik voel me een hippe vrijbuiter….

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 20210310_170927.jpg

De wederopbouw na de oorlog is min of meer afgesloten. Er komt meer geld beschikbaar, lonen stijgen. In ons ouderlijk huis komt (op afbetaling) een koelkast, wasmachine en televisie. De vrije zaterdag wordt landelijk ingevoerd. De nog jonge babyboomgeneratie waartoe ik behoor, begint te leven en hoe! Weg met de truttige jaren 50! Weg met autoritair gezag! Van mijn eerste verdiende zakgeld (tijdschriften wekelijks rondbrengen) koop ik een kleine pickup met een ingebouwde speaker. Op mijn slaapkamer draai ik mijn eigen plaatjes. Jimi Hendrix tart met zijn gitaarspel elke brave burger van dat moment.

In mijn geboortestad Arnhem schieten de bars voor jongeren als paddenstoelen uit de grond. Op en rond de Korenmarkt zijn bars als de Kameleon, de Buik en de Beer, de Scarabee en een nieuwe Wampie. Overal klinkt muziek uit de speakers. Iedere bar heeft zo zijn eigen type jongeren en muziek. Elk weekend ga ik met vrienden en vriendinnen stappen. Naast het station van Arnhem ligt het terras van het restaurant Carnegie, dat bij mooi weer vol zit met flanerende jongeren. Met de auto kun je rondjes rijden en laten zien hoe stoer, hip en rebels je bent. In die periode rijd ik in een (oude) rode Alfa Romeo Spider met open dak. Ik heb er 1950 gulden voor betaald, weet ik nog.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 1363-weeley-festival-1971-23-1463911225.jpg

In 1971 ga ik met de boot naar het Weeley Festival in Engeland, een driedaags evenement met non-stop muziek dag en nacht. We slapen op het dek van de boot. Op het festivalterrein maken we van gemaaid gras provisorisch een tentje. De toiletten zijn een paar balken boven een groot gat. Het is één lange roes waarin je die dagen doorbrengt. In datzelfde jaar ga ik met de eigenaar van Wampi Huissen – waar ik disc-jockey ben – in een zeer opvallende rode Buggy naar Zuid Frankrijk….natuurlijk Saint Tropez. We slapen daar in een tentje op een camping en eten bonen uit een blikje. Op de boulevard rijdend hebben we met onze auto de nodige bekijks en zelfs stappen er twee hippe meisjes spontaan in de auto, die eigenlijk veel te klein is voor vier personen.

In 1969 heb ik mijn opleiding als onderwijzer-met hoofdakte afgemaakt en werk ik op een 20-klassige basisschool in de wijk Presikhaaf. Ik hoef niet in militaire dienst omdat ik een bewijs van ‘onmisbaarheid’ krijg voor mijn werk op een school in een achterstandswijk. Mijn uiterlijk is geen enkel punt van discussie op deze katholieke school. Ik ben gewoon een hippe meester en sta voor de zesde klas (nu groep acht) met veertig kinderen! De kinderen noemen mij ‘meester Geert’. Het is altijd ‘u’ en nooit ‘jij’. Een aantal collega’s zijn LHBT’ers. Het is normaal en niemand scheldt een leerkracht daarvoor uit.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is sam_4968.jpg

Maar dan komt het mooiste moment uit die periode. Ik word echt verliefd, smoorverliefd. De fictieve roman Utopia Avenue wordt voor mijn lief en mij dé roman des levens. De afgelopen achtenveertig jaar leven we vele mooie en soms moeilijke hoofdstukken. Nog steeds zijn we stikgelukkig. We hopen er samen met onze kinderen, kleinkinderen, familie en vrienden nog veel hoofstukken aan toe te voegen…..zoiets als ‘ze leefden nog lang en gelukkig’.

Verdriet en inspiratie

Het vervolg op mijn blog Verleden – heden 1 krijgt een andere invalshoek dan gepland. De reden is dat vorige week totaal onverwacht mijn zwager overlijdt. Op dat moment staat je leefwereldje op z’n kop. Het verdriet is niet te bevatten. Hoewel zijn gezondheid de laatste jaren niet optimaal is, is kwaliteit van leven bij mijn zevenenzeventig jarige zwager nog volop aanwezig. Nu is hij er niet meer. Op de rouwkaart staan zijn eigen woorden: ‘Verdriet vervaagt en krijgt een andere betekenis. Minder leegte en meer inspiratie’. Prachtige woorden voor allen die hem lief zijn. Zijn leven is voorbij, maar hij heeft niet alleen het leven doorgegeven aan een nieuwe generatie, ook zijn levensmotto van geloof, hoop en liefde en dat geeft inspiratie.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is 20210304_095121.jpg

Naarmate je zelf ouder wordt, komt afscheid nemen van dierbaren onvermijdelijk vaker voor. Mijn (eerstelijns)familie en die van mijn lief leven allemaal in de fase van gepensioneerd zijn. Vanuit levensloopperspectief is het de derde en laatste levensfase en we weten dat die eindigt met de dood. Hoe ga je hier zo mee om dat de dood niet je dagelijkse leven gaat beheersen? Wat mijzelf betreft, probeer ik het doodgaan niet als een taboe te bestempelen, maar er af en toe bewust over na te denken, hoe lastig ook. Ik laat het verleden en heden in vogelvlucht voorbijkomen en bedenk mij: ‘Wat heeft het leven mij geboden en wat heb ik anderen geboden en hoe is dat nu? Voel ik mij daar gelukkig bij?’ Het leven krijg je om er iets mee te doen in directe relatie met andere mensen, vind ik. Het zíjn van een sociaal wezen en daar gedurende je leven handen en voeten aan geven en dit zo doorgeven aan de nieuwe generatie, is volgens mij de zin van mijn leven.

Waarom dat zo in elkaar steekt, weet ik niet. Wel weet ik hoe het werkt en voelt in de realiteit van alledag. Bijvoorbeeld maandag 22 februari als op de familieapp het bericht van mijn lieve zusje verschijnt dat haar man is overleden. Ik app en bel mijn kinderen, andere directe familie en vrienden. We delen ons verdriet en praten er over. Deze gesprekken helpen je om met het verdriet om te gaan. Ik bel mijn lieve zusje. Ik weet niet wat ik moet zeggen, maar dat hoeft eigenlijk ook niet. Zij vertelt precies wat er de laatste twee dagen gebeurd is. Dat verhaal zal ze ongetwijfeld nog vele malen doen, ook in haar hoofd.

En dan, enkele dagen later nemen we afscheid met een kleine groep vanwege de coronamaatregelen. Ik zie er tegenop, maar als het eenmaal zo ver is, besef ik weer hoe belangrijk het ritueel van afscheid nemen is. Tijdens de katholieke kerkdienst kijken wij samen terug op zijn leven en spreken dat hardop uit. We zijn dankbaar en gelukkig dat hij er is geweest en zich een waardevolle plek heeft verworven in de samenleving als familielid, echtgenoot, vader, opa, vriend en vele jaren als burgemeester. Zijn kleinkinderen hebben de deksel van de kist met ‘mooie tekeningen voor opa’ versierd. Bij het verlaten van de kerk staat er een kleine erehaag van ambtenaren en politie.

Staand rond het graf nemen we definitief afscheid. We mogen elkaar niet omarmen en knuffelen. We moeten zelfs afstand houden tot elkaar en dat voelt wezensvreemd aan. Ik onderdruk de neiging te applaudisseren voor mijn zwager, voor mijn zusje en voor al die mensen die hier samen zijn.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is img-20161016-wa0007-2.jpeg

Dan, tot slot brengen we – in de geest van mijn zwager – met een glas witte wijn een toost uit als kostbare herinnering aan een mooi en zinvol leven. Verdriet en geluk gaan op dat moment hand in hand…. Het is een moment van intense verbondenheid met elkaar. Iets van het mysterie van de zin van het leven is voelbaar en grijpbaar. Ik koester dat gevoel, het is rustgevend en inspirerend voor vandaag en de dagen die nog gaan komen.