Jonge pensionado’s

IMG-20190517-WA0001Op ons 45 jarig huwelijksfeest dat wij gevierd hebben met familie en vrienden die ons dierbaar zijn en waar wij mee optrekken in het leven, blijkt de babyboomgeneratie rijkelijk aanwezig. Niet vreemd als je zelf tot die groep behoort. In mijn visie op ouder worden bevindt deze groep zich in de eerste fase van de verkenning van de ouderdom. Zij is redelijk vitaal en gezond en mede daardoor in staat nieuwe vorm en inhoud aan het dagelijkse leven te geven. Ik noem ze de jonge pensionado’s. Op grote schaal zijn zij op zoek naar een hernieuwde invulling van het dagelijkse leven dat wellicht nog 15, 20 jaar of langer kan duren. Deze invulling gaat gepaard met wezenlijke veranderingen op de levensgebieden: lichaam/geest, sociale relaties, materiële situatie, arbeid en inspiratie. Nog meer dan voorheen staat voor de jonge pensionado de zingevingsvraag ‘ doe ik er nog toe?’ centraal. Zin geven aan je leven is een procesmatig gebeuren, waarbij je betekenis en waarde toekent aan het eigen leven in zijn totaliteit of aan aspecten van het eigen leven. Steeds duidelijker wordt dat zin geven alleen tot stand kan komen in interactie met je omgeving.

IMG_20190618_102238_resized_20190618_102322473

Er zijn grote verschillen hoe jonge pensionado’s hun dagelijkse leven voortzetten. Als ik kijk naar de babyboomers op mijn 45-jarig huwelijksfeestje valt op dat velen van hen in deze beginnende fase van de ouderdom hun kennis en ervaring blijven inzetten in de samenleving. De randvoorwaarden om wat van deze levensfase te maken in ons welvarende Nederland zijn behoorlijk goed. Sommigen blijven werken omdat ze daarvoor erg gemotiveerd zijn of omdat er behoefte is aan extra inkomsten. Anderen doen vrijwilligerswerk en vinden daarin een zinvolle tijdsbesteding. Dan zijn er die al een hobby en/of sport, zoals tuinieren of golfen hebben. Eindelijk kunnen zij daar veel tijd en energie in stoppen. Weer anderen zijn zo zelfsturend en avontuurlijk dat zij iets totaal nieuws gaan uitproberen. Dat varieert van wonen in Italië tot het volgen van cursussen of een opleiding. Veel jonge pensionado’s die voorheen vooral inspiratie uit het werk haalden, zoeken nu andere inspiratiebronnen. Belangrijker dan ooit bij deze activiteiten zijn de sociale contacten. Je wilt zelf kiezen met wie je iets doet. 

Op enig moment echter zullen wij jonge pensionado’s af zijn en definitief toetreden tot het gilde van de hoogbejaarden. Geen idee wanneer. Ik voel mij als drieënzeventig jarige nog redelijk vitaal en gezond. Maar ik ben mij er van bewust dat ik zo maar in proces van zware achteruitgang terecht kan komen. De risicofactoren bij het ouder worden op sociaal/maatschappelijk, fysiek en psychisch gebied  zijn groot en divers. Je bereikt dan een wezenlijk andere fase in de ouderdom. Je wordt kwetsbaar. Je hebt steeds meer ondersteuning van anderen nodig. Het zal lastiger worden om zelf sturing te geven aan je dagelijkse leven. De wereld om je heen wordt letterlijk kleiner. Ouderen in die situatie zullen, als ze daartoe geestelijk in staat zijn, de vraag stellen: ‘Vind ik mijn leven nog de moeite waard?’ 

IMG_20190618_102227_resized_20190618_102344588Dan is er een grote groep jonge pensionado’s die eenmaal gestopt met werken, absoluut niet weet wat ze nu moet gaan doen. Over het algemeen is deze groep minder zelfsturend en meer afwachtend. In deze fase van het leven is stilstand per definitie snelle achteruitgang. In onze geïndividualiseerde samenleving komen zij in relatief korte tijd achter de geraniums terecht, vereenzamen en worden depressief. 

Ik pleit er voor dat jonge pensionado’s samen optrekken rond het thema ‘de kunst van het ouder worden’. Blijf vitaal en houd elkaar uit het sociaal isolement. Doe dat door met elkaar de gemeenschapszin nieuw leven in te blazen rondom de plekken waar je woont. In mijn wijkje Struisenburg organiseren wij al zo’n twee jaar ontmoetingsbijeenkomsten voor buurtbewoners, houden wekelijks een huiskamer, prikken papier en afval van de straat, doen een actie tegen luchtvervuiling en zetten een boekenkastje voor de deur.

Simpel toch?

 

 

 

 

Kat in ’t bakkie

IMG-20190518-WA0014

De serenade aan het bruidspaar ‘If I had you’

De afgelopen weken hebben mijn lief en ik in een heerlijke roes van geluk vertoefd. Het ultieme geluksgevoel ervaren we op vrijdagavond als we met familie en vrienden ons 45-jarig huwelijk vieren. Voor ons is het klip en klaar dat je niet alleen met z’n tweeën optrekt in het leven, maar dat samen doet met mensen die je dierbaar zijn en die dichtbij je staan. Het leven is een trektocht vol vreugde en verdriet. Soms is het hard werken om de liefde te behouden. Dat alles hebben we willen delen op deze avond. En wat is het een fantastische avond geweest! We hebben enorm genoten van onze kinderen en kleinkind, van onze familie en vrienden, van de intieme sfeer, de bijzondere verhalen, de muziek en het heerlijke diner. 

IMG-20190516-WA0001Nog nagenietend tijdens het weekend zien en horen we zondagavond op de TV de Belgische psychiater en hoogleraar Dirk de Wachter. Hij vertelt over de huidige consumptiemaatschappij. In België en Nederland leven we in het meest welvarende deel van de wereld en tegelijkertijd hebben we de meeste psychiaters per hoofd van de bevolking. Mensen zijn op zoek naar vreugde, plezier en geluk, maar willen daarin snel bevredigd worden. We beseffen nauwelijks meer dat vreugde niet kan zonder verdriet en dat verlangen naar iets juist waardevol is. Houd het klein en dichtbij jezelf. Hij haalt de filosoof Levinas erbij waar ik een fan van ben. We bestaan bij de gratie van de ander. Richten we ons op de behoeften van de ander of vooral op die van onszelf? In dat geval laat de liefde de ander de vrije keus om die liefde te beantwoorden of niet. Dit soort liefde vraagt offers en hard werken voor hen die daarnaar streven.

SAMSUNG CAMERA PICTURES

In deze tijd van individualisering dreigt alles inclusief de liefde onderdeel te worden van de consumptiemaatschappij. Voor mijn lief en mij is dit populair gezegd ‘kat in het bakkie’. We verzetten ons tegen deze verregaande individualisering en zoeken binnen onze mogelijkheden naar verbinding en sociale cohesie. Ik denk dat ons tweejarig verblijf in Kenya (1981) daar een essentiële rol in heeft gespeeld. Niet alleen waren we meer op elkaar aangewezen, ook het Afrikaanse leven hebben we toen heel basaal ervaren: familie, wonen, werken en eten doe je met elkaar. Het leven is niet abstract, niet gericht op grote reizen en alleen maar genieten. En je geeft het leven letterlijk door. Als Kenianen horen dat we al jaren getrouwd zijn en nog geen kinderen hebben, zeggen ze: ‘Keep on trying, God will bless you’. Zij begrijpen niet waarom wij dat (nog) niet willen…… Bij terugkomst in Nederland is mijn lief in verwachting van onze dochter.

Zo terugdenkend aan 45 jaar samenzijn wordt voor ons steeds duidelijker dat de zin van het leven dichterbij je eigen bestaan ligt dan je aanvankelijk denkt. Bij zingeving gaat het niet alleen om jezelf. Als je kinderen en kleinkinderen hebt, voel je sowieso al van nature dat je leven volledig gekoppeld is aan dat van hen. Met familie en vrienden hoop je goed contact te kunnen houden. Natuurlijk om te genieten van elkaar, maar altijd in het besef dat er een moment van mantelzorg kan komen

IMG_20190521_120951_resized_20190521_121035691

Joggend afval rapen in Utrecht, voorbeeld groen burgerinitiatief

En als het je directe leefomgeving aangaat, ook dan ligt zingeving om de hoek! Mijn lief is onlangs gestopt met (betaald) werken en nu doen we met veel plezier en enthousiasme nieuwe ervaringen op in onze buurt. Samen met buurtbewoners papier prikken, ontmoetingsbijeenkomsten organiseren, een huiskamer openen, de wijk verder vergroenen. We ontdekken dat deze simpele buurtinitiatieven leiden tot herontdekking van solidariteit.

Kleine dingen in het leven doen er toe. Er ontstaat weer van onderop eigenaarschap in relatie tot je buurt, je stad, je land, je wereld. Dat is samen leven!

 

Vrijbuiter

Het is een heerlijk gevoel eenmaal met pensioen te zijn. Je hoeft namelijk niet meer in het keurslijf te lopen van een organisatie, bezig te zijn met notulen en verslagen en er voor te zorgen dat iedereen werkt volgens het protocollenregister. Je loopt niet meer in het werkritme dat soms wel 80% van je tijd bepaald. Je bent vrijer in je doen en laten. Ik voel me dan ook een vrijbuiter. Ik kan vooral kiezen voor activiteiten die ik de moeite waard vind.

Al weer wat pensioenjaren wijzer geworden, besef ik dat in mijn werkzame leven het keurslijf van beleid, taken en verantwoordelijkheden vaak een bron van negatieve energie is geweest. Dat is natuurlijk jammer. Ik heb overigens altijd met veel plezier en motivatie gewerkt. Deze ervaring neem ik mee, nu ik met pensioen ben. Ik ben een doener en sociaal gericht en daarom is het voor mij vanzelfsprekend dat ik allerlei buurtgerelateerde activiteiten organiseer. Mijn adagium is daarbij wel dat ik niet meer in een organisatiestructuur wens te werken. Eerlijk gezegd kost het moeite om daar buiten te blijven, want we zijn in Nederland nu eenmaal gewend alles in een organisatiestructuur te stoppen.

img_20190516_141643_resized_20190516_021728761.jpgIn mijn buurt worden de bewonersactiviteiten voornamelijk georganiseerd vanuit Buurt Bestuurt. Het is een redelijk vrijblijvende organisatiestructuur (geen stichting of vereniging) binnen de Gebiedscommissie Kralingen Crooswijk. Buurt Bestuurt wordt gevormd door actieve wijkbewoners en enkele gemeentelijke professionals zoals de wijkmanager, de wijknetwerker, de wijkregisseur en de wijkagent. Hoe vrijblijvend ook, toch wil ik daar liever niet in zitten. Omdat ik enkele bewonersinitiatieven heb opgestart, wordt dat van mij echter wel verwacht. De agenda voor de bijeenkomsten hebben voor mij een te breed scala aan onderwerpen en invalshoeken. Ik wil daarnaast ook niet meegetrokken worden in de problemen en belemmeringen die er vaak zijn vanuit de gemeentelijke organisaties. Ik wil gewoon met een aantal bewonersgroepjes iets doen in de wijk, daar verantwoordelijkheid in nemen en al mijn energie in stoppen. Maar ja, hoe doe het dan anders?

Als je wat filosofeert over het leven, of beter gezegd over je eigen leven, dan kom je al gauw tot de conclusie dat de kern van je bestaan is, dat bij datgene wat je doet er altijd sprake is van eigenaarschap, het nemen van eigen verantwoordelijkheid binnen je kunnen en verantwoording afleggen aan je medemens. Ik constateer dat de meeste samenwerkingsvormen in alle lagen van onze samenleving zodanig zijn opgetuigd dat het eigenaarschap en het eigen initiatief van betrokkenen nauwelijks nog spontaan kan opbloeien. De regeldruk en de daaraan gekoppelde bureaucratie  is volledig doorgeschoten. Verantwoording afleggen is abstract geworden en speelt zich vooral af ergens in de top van de organisatie. We overleggen niet meer met elkaar, we vergaderen om te vergaderen met vaste agendapunten en eindeloos gezwets.

In de jaren zestig en zeventig heb we van alles op zijn kop gezet in onze samenleving. De vaste structuren in de opvoeding, de godsdienst, de scholen, de universiteiten en in allerlei organisaties, gingen op de schop. Er is veel mis gegaan, maar ook heel veel goed. Uiteindelijk hebben we een naoorlogse periode van grote, toenemende welvaart gekregen. Maar onze samenleving is qua overleg- en samenwerkingsvormen inmiddels weer vastgeroest. Er is behoefte aan vrijbuiters, die in de overlegstructuren de menselijke factor centraal stellen en daar kunnen babyboomers met hun ervaring een bijdrage aan leveren. 

IMG-20190515-WA0000Er zullen vast babyboomers zijn die net als ik het eigenaarschap willen voelen bij zaken die hun directe leefomgeving betreffen. Ik daag hen uit te helpen zoeken naar op coöperatieve grondslag gerichte samenwerkingsvormen tussen wijkbewoners en ondersteunende professionals: kleinschalig, doelgericht en mensgericht. Als de kernelementen eigenaarschap, eigen verantwoordelijkheid en verantwoording aan elkaar gekoesterd worden, is succes gegarandeerd.