Om mijn tachtigste verjaardag te vieren heb ik een tafeltje voor twee gereserveerd in een hip Rotterdams restaurantje. Zoals wel vaker de laatste jaren ben ik bij bepaalde bijzondere gelegenheden extra gespannen. Komen we wel op tijd? Kunnen we daar makkelijk parkeren?
Meteen bij binnenkomst zeg ik tegen de medewerker, die ons welkom heet: “We hebben gereserveerd onder de naam Geert Beke”. De medewerker vraagt vervolgens: “Met z’n tweeën?” Dan volgt er een bizarre conversatie. Ik denk te horen ‘met twee ees?’ Regelmatig wordt mij namelijk vaak gevraagd of je Beke met twee ees moet schrijven. Dus ik zeg: “Nee, gewoon b e k e.” De verbazing op het gezicht van de medewerker, is groot. Vervolgens raak ik in paniek en maak het nog erger door te zeggen dat Geert met twee ees geschreven wordt, hetgeen helemaal nergens op slaat. Gelukkig grijpt mijn lief in en zegt dat de man vraagt of wij met z’n tweeën zijn. Ik zeg dan ook nog: “Ja dat is toch te zien?” De medewerker blijft vriendelijk, pakt onze jassen aan en brengt ons naar een tafeltje voor twee. Natuurlijk schaam ik mij dood. Bij het afrekenen, blijkt de eigenaar deze bizarre conversatie van zijn medewerker gehoord te hebben. Hij moet er hard om lachen. Sterker nog, hij vertelt als horecaondernemer nog eens een boek te willen schrijven met allerlei bijzondere anekdotes en daar zouden wij met onze binnenkomst zeker in thuishoren….
Dit soort gedrag overkomt mij tegenwoordig steeds vaker. Het is een vorm van negatieve stress. De stresshormoonhuishouding in ons lijf raakt bij het ouder worden meer en meer uit balans en dat kan dit type reactie veroorzaken. Er zijn legio voorbeelden: je kunt je autosleuteltje niet direct vinden of je bent even je pincode kwijt. Op zo’n moment ontstaat er een paniekreactie, die je hersenen als het ware blokkeren. Het effect is, populair gezegd, dat je je als ‘een kip zonder kop’ gaat gedragen. Ik merk dat deze vorm van negatieve stress bij het stijgen van de jaren steeds meer opspeelt. Ik heb er niet alleen zelf last van, maar ook mijn lief. Het enige wat ik kan doen, is mij ervan bewust zijn en dan proberen rustig te blijven.
Ouder worden gaat onherroepelijk gepaard met fysieke en psychische achteruitgang. Dat besef ik als tachtigjarige des te meer. Enige tijd geleden heb ik mijn toekomstperspectief op drieënnegentig gezet. De persoonlijke leefomstandigheden zullen telkens opnieuw veranderen en dat vraagt om actie. Wil ik er voor zorgen dat de komende jaren mijn leven de moeite waard blijft, dan moet ik proberen waar mogelijk mijn dagelijks leefomstandigheden positief te beïnvloeden. Simpel gezegd: ik wil zo min mogelijk bezig zijn met wat allemaal niet meer kan, maar mij vooral richten op dingen die nog wel kunnen. Tot nu toe lukt mij dat redelijk goed en dat geeft hoop voor de toekomst. Ik ga daarom vol goede moed en ideeën op naar de drieënnegentig!
Ter gelegenheid van mijn tachtigste heb ik het essay ‘Eigentijds Ouder Worden’ geschreven. Daarin verken ik als gerontoloog èn ervaringsdeskundige oudere de vraag ‘Hoe kunnen ouderen blijven groeien en ontwikkelen tot de laatste snik en welk ondersteunend beleid is daarvoor nodig vanuit de samenleving?’
Geïnteresseerde lezers van mijn blog kunnen voor tien euro inclusief verzendkosten dit essay van achttien pagina’s bestellen. Stuur dan een mail met je adres naar geert.beke@outlook.com


