‘En hij miekte me toch een schuuver,’ is een van die anekdotes die mijn lieve moedertje altijd met een stralende lach vertelde op familiefeestjes. Deze, op z’n plat Arnhems uitgesproken kreet is van mijn opa. Na het overlijden van oma in 1957 komt hij bij ons in huis wonen. Vanwege zijn komst verhuis ik weer naar een slaapplek op zolder. Op een vroege ochtend glijd ik uit op de steile zoldertrap, donder met luid geraas naar beneden en knal tegen de deur die pal onder de laatste trede zit. Als na enige seconden de deur opengaat, staat daar opa in zijn lange Jäger onderbroek en spreekt hij deze gedenkwaardige woorden. Gelukkig is dit goed afgelopen. Ik moet hieraan aan denken als ik vorige week in alle vroegte ineens weer van de trap afduvel en moederziel alleen onder aan de trap lig bij te komen van de schrik. De schade blijkt ook dit keer mee te vallen. Natuurlijk vervloek ik op dat moment die trap en mijn eigen onachtzaamheid.
De traptreden zijn een beetje smal en ze lopen in een bocht. Ik moet gewoon goed opletten dat ik mijn voeten aan de brede zijde van de traptreden zet. Als ik dit verhaal zou vertellen in kringen van oudere mensen, hoor ik het sommigen al zeggen: ‘Waarom verhuis je niet naar een seniorenwoning, alles gelijkvloers en helemaal ingericht op ouder worden?’ Lees verder
Werkende fulltimepensionado
07 woensdag okt 2015
Posted in Ouder worden
Toevalligerwijs staat vorige week op de achterzijde van De Verdieping van Trouw in de rubriek ‘naast het nieuws’ bijgaande afbeelding met als onderschrift: ‘De Khoi, de oorspronkelijke bewoners van Zuid-Afrika, tekenden zo’n 300-500 jaar geleden Europese kolonisten in hun ossenwagens op de wanden van zandsteengrotten in de Westkaap.’ Ik moet meteen denken aan dit boek en aan onze wereldwijde Nederlandse koloniale geschiedenis. Ik denk natuurlijk ook aan de al jaren zich herhalende discussies over integratie van Turken, Marokkanen en – meer algemeen – de moslims. En nu is het september 2015. We maken geen grottekeningen meer, maar foto’s: kleurrijke fotocollages van op drift geraakte mensen, die per bootje, te voet of per trein vluchten voor oorlogsgeweld. Het zijn nu geen kolonisten, die op vrijwillige basis handel zoeken elders op de wereld, zoals wij als Nederlanders deden tijdens de VOC periode. Het zijn mannen, vrouwen en kinderen die wanhopig zoeken naar een veilige leefplek in Europa, en dus ook in ons mooie, welvarende en veilige Nederland.