De familieleefdag

In mijn familie staat niet de sterfdag van mijn vader of moeder centraal, maar de ‘leefdag’. Eén van de tradities in onze familie is namelijk het jaarlijkse Sinterklaasfeest. Vooral voor onze allerliefste moeder is dit altijd de dag van haar leven geweest en we zetten deze traditie na haar overlijden met veel plezier voort. 9Elke jaar op de laatste zondag van november komen zo’n vijftig familieleden, voortgekomen uit het Koos Beke en Cis Oostendorp huwelijk, bij elkaar: zes broers en zussen, evenzoveel schoonfamilie, vijftien neven en nichten en bijna evenzoveel aangetrouwden, vervolgens negentien achterneefjes en -nichtjes. De oudste is zeventig, de jongste is ongeveer één jaar. Een prachtig doorsnede van vier generaties: de idealisten van de babyboom generatie  (1944-1955), de nuchtere verbinders van de X generatie (1956-1970), de doegerichte pragmatische generatie (1971-1985), de creatieve Y generatie (1986-2000) en de heldere Y2 generatie (2000-2015). Iedereen van jong tot oud heeft deze datum in november gereserveerd en zelden laat iemand verstek gaan. Sterker nog, een in Madrid (?!) wonende neef reist met zijn zoontje Sinterklaas zelfs achterna en komt speciaal over voor deze dag. Ieder jaar weer is er nieuw leven te bewonderen, ieder jaar weer ziet iedereen de ander een jaar ouder worden. Deze traditie wordt nog versterkt doordat Sinterklaas al die jaren onze familiehuisvriend is en zo ook in leef-tijd meegroeit met onze familie. Dat levert mooie, leuke en soms emotionele anekdotes op, die dan hardop voorgelezen worden uit Het Grote Boek. Spannend voor de Y2 generatie is elk jaar de keuze van de Pieten. Telkens mogen de twee of drie die niet meer in Sinterklaas geloven Zwarte Piet spelen. Als dat dit jaar Blauwe Pieten worden, zullen misschien op een enkele babyboomer na, de anderen er waarschijnlijk weinig moeite mee hebben.  Lees verder

Veerkracht en groei

DSC01175Uit onderzoek weten we dat de kans groot is dat het vermogen tot aanpassen aan veranderingen in werk en leven afneemt met de jaren. Veel vijftigers en zestigers hebben daar last van in hun werk en veel vijfenzestigplussers in het leven algemeen. Toch is het niet gezegd dat bij alle ouderen de mentale veerkracht minder wordt. ‘Oefening baart kunst’ is daarom een van mijn motto’s en ik probeer als fulltime pensionado op allerlei manieren de veerkracht te behouden. Voor mij is belangrijk daarbij de logica van mijn gevoel én accepteren dat de wereld om mij heen blijft veranderen en dat het steeds sneller gaat. Ik kan geïnspireerd worden door oudere mensen, die goed met hun tijd mee kunnen gaan. Ik weet dat als ik mijn veerkracht niet meer heb, dat angst voor het onbekende gaat overheersen en dat ik mij dan ga terugtrekken achter de geraniums.  Lees verder

Existentiële vragen 4

De laatste drie blogs gaan over existentiële vragen die ik mijzelf als fulltime pensionado stel. De vraag, die nu overblijft is een vraag waar ik eigenlijk zo min mogelijk over wil nadenken, maar die ik mijzelf wel moet stellen: ‘Hoe ga ik om met het gevoel dat mijn leven nog maar kort is?’

DSC03262Als 8 jarig kind op de lagere school wordt mij al de meest existentiële vraag in het leven voorgelegd: ‘Waartoe zijn wij op aarde?’ Het antwoord is voorgeprogrammeerd: ‘Wij zijn op aarde om God te dienen om zo hier en in het hiernamaals gelukkig te zijn’. Geboren in een katholiek gezin, ga ik naar de katholieke lagere jongensschool in Arnhem, die geleid wordt door de fraters uit Utrecht. Tijdens de godsdienstles moeten we het hele catechismusboekje met tientallen vragen en antwoorden uit ons hoofd leren en opdreunen. Alle mogelijke levensvragen zijn gedurende zes jaar keurig en helder in mijn kinderhoofdje gestampt. Als ik er nu aan terugdenk, realiseer ik mij dat binnen de context van het begrip tijd, een dergelijk geloof aan mijn tijd van leven op aarde een extra dimensie toevoegt. Je krijgt er het verleden van ruim 2000 jaar Christendom bij en de toekomst met eeuwig leven in het hiernamaals. Dus waarom zou je dan bang zijn dat het leven op aarde nog maar kort is? Waarom zou je dan bang zijn voor de dood? Na mijn lagere school kom ik als adolescent terecht in de beruchte jaren zeventig. De secularisatie slaat toe en de individualiseringsslag in de samenleving wordt definitief ingeluid. Niets is meer voorgeprogrammeerd, alles kan anders en van iedereen wordt verwacht dat hij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt voor het leven. Vanaf die periode heb ik het catechismusgeloof niet meer, net zo min als het perspectief van het hiernamaals. Waar ik nu wel in geloof, is mij overigens nog steeds niet duidelijk. Lees verder