Fulltime hoogbejaard zijn

Elke ochtend doe ik tegenwoordig enkele gymnastiek oefeningen, om daarmee mijn 68 jarige, stramme lijf en ledematen wat soepeler te maken. Als ik daarna de krant zit te lezen en af en toe naar buiten kijk, zie ik mensen joggen langs het water. Op dat moment overvalt mij wel eens een angstig gevoel. Ik denk er dan aan hoe het is, als ik straks 80 of misschien wel 90 jaar mag worden en fulltime hoogbejaarde ben. Kom ik dan nog de trap op naar boven om in de huiskamer op de 1e etage met prachtig uitzicht over de skyline van Rotterdam mijn ochtendkrantje te lezen? Kan ik mij dan nog voldoende zelf redden bij allerlei dagelijkse handelingen, zoals bij het douchen en aankleden? En ook vraag ik mij dan af of we dan nog steeds met z’n tweeën zijn, mijn lief en ik? En wat doe ik dan de hele dag? Is er af en toe contact met andere mensen, zoals met mijn vrienden? Komen de kinderen regelmatig langs? Of zit ik in mijn eentje voor het raam naar de voorbijvarende schepen te kijken? Ga ik me niet vreselijk vervelen? Gaat de dag niet eindeloos lang duren? Soms twijfel ik er aan, of het wel zo fijn is om alsmaar ouder te worden. Kan het leven dan nog prettig en zinvol voelen? In 1860 is de gemiddelde leeftijd van overlijden 37 jaar, precies de leeftijd van Vincent van Gogh toen hij stierf. Nu anno 2014 is die leeftijd voor vrouwen 82,5 en voor mannen 79 jaar en steeds meer mensen worden 90 of 100 jaar. Bij zulke overpeinzingen is het alsof het glas half leeg is. Afgelopen zaterdag krijg ik een wijs lesje ‘fulltime hoogbejaard zijn’ op de afscheidsviering van tante Bep. Zij is maar liefst 92 jaar geworden. Een prachtig voorbeeld van iemand die gelukkig en zinvol oud is geworden dankzij ‘leven met hoop’. Lees verder

Fulltime puber zijn

Als ik in mijn vroege jeugd voor de eerste keer écht op vakantie kan gaan, mag ik niet mee. Het is nog net in de tijd dat de pastoor jaarlijks op huisbezoek komt om Rooms Katholieke echtparen te vertellen dat er nog maar weer eens een kindje bij moet komen. Dit keer komt hij mijn moeder vertellen dat haar man, mijn vader is overleden. Het is juli, vakantieperiode en alle zes (!) kinderen zijn dus thuis. Enkele weken na de begrafenis regelt (lees betaalt) mijn oom, onze voogd, voor ons gezin een vakantie in een familiepension in Noordwijk aan Zee. Het is de eerste echte vakantie in mijn leven, maar ik mag niet mee. Ik zit vanaf mijn 12e jaar op het internaat, het klein seminarie, en mag volgens de dan geldende normen, niet aan allerlei wereldse verleidingen blootgesteld worden. Ik vind de beslissing natuurlijk vreselijk en voel me nog meer buitengesloten dan voorheen. Ik weet het niet zeker meer, maar dit vakantie incident zal een extra reden zijn geweest om snel het internaat vaarwel te zeggen. Ik wil er al veel langer van af, maar wil mijn ouders en vooral mijn vader, niet teleurstellen. Op het moment dat mijn vader overlijdt, staat mijn besluit vast. Een jaar later woon ik weer gewoon thuis en probeer als beginnende puber mijn leven in de normale wereld op te pakken en hoe! Ik voel me bevrijd, ik barst van de energie. Ik mag eindelijk even fulltime puber zijn. Lees verder

Thuis in de wereld

Twee weken geleden maken we op vakantie, liggend aan een zwembad op een van de Azoren eilandjes midden op de grote oceaan, rechtstreeks contact met onze kinderen, die op hetzelfde moment aan de andere kant van de wereld ook vakantie vieren. Via de iPhone familie App is er binnen enkele seconden contact met onze dochter in de jungle op Sumatra in Indonesië, en tegelijkertijd met onze zoon en schoondochter die een Killing Field in Cambodja bezoeken. Het is bijna niet te geloven, maar het is echt! De wereld ligt anno 2014 helemaal open. De huidige en toekomstige generaties groeien haast allemaal als vanzelfsprekend op als wereldburgers. De wereld is je thuis of je wilt of niet. Lees verder