Over en uit

Dit weekend lees ik een interessant essay van Frits de Lange waarin hij filosofeert over de vraag wanneer een leven voltooid is. Hij reageert op het onderzoek van Els van Wijngaarden over ouderen die uit het leven willen stappen omdat zij zich overbodig en eenzaam voelen. De Lange vindt dat de termen klaar zijn met leven, levensmoe en voltooid leven onterecht als synoniemen worden gebruikt. Levensmoe, zo zegt hij, geeft aan dat het iemand ontbreekt aan fysieke of mentale levenskracht om zijn leven nog verder te leiden. Het is een natuurlijke gesteldheid, die je ervaart of niet. Klaar zijn met je leven verwijst niet naar een ervaringsfeit, maar naar een persoonlijke beslissing, een keuze. Het suggereert dat het leven een klus is die je moet klaren, de inhoud doet er niet zo toe. Voltooid leven is noch een ervaringsfeit, noch een persoonlijke keuze, maar een ethisch oordeel over je geleefde leven tot nu toe, aldus De Lange. Je kunt zeggen dat het leven een natuurlijke cyclus is van opgroeien als kind, volwassen worden en uiteindelijk oud en verschrompeld zijn. Dan is het simpelweg over en uit op enig moment. Je kunt ook zeggen dat er sprake moet zijn van een geslaagd leven. Je loopt allerlei levensfasen goed door en in de laatste fase van de ouderdom is dan de specifieke opdracht dit alles tot een geheel te integreren en dan ben je klaar. Van deze opvatting van de ontwikkelingspsycholoog Erik Erikson ben ik zelf een groot fan. Lees verder

70:20:10

De hoeveelheid kennis die er is in de huidige wereld is gigantisch. Die kennis is zelfs zo groot dat we als het om leren gaat niet meer zo goed weten, wat we nu moeten leren en hoe. Het meest bekende voorbeeld is het leren van de tafels op de basisschool. Gebeurt dat nog of leren de kinderen die niet meer? De school wordt nog steeds gezien als dé plek waar een kind alles leert, want daar vindt van oudsher georganiseerd leren plaats. Maar mede dankzij de sociale media, stort het jonge kind zich al heel snel in de buitenschoolse wereld van kennis en informatie. Om iets te leren heb je nauwelijks nog een traditionele onderwijsinstelling nodig. Kijken we naar de verschillende manieren van kennisverwerving, leren we slechts 10 procent via school of training. Daarnaast leren we 20 procent via bewuste of onbewuste coaching en feedback van de leraar, de ouder, de collega, je geliefde. En 70 procent is informeel leren in de praktijk van alledag zonder tussenkomst van een onderwijsorganisatie. Kennis en informatie zijn altijd en overal aanwezig en beschikbaar voor iedereen, jong en oud. De wereld zal zich mede daardoor voortaan in hoog tempo blijven ontwikkelen en veranderen. Of we dat nu leuk vinden of niet, we zijn hier deel van geworden en zo ‘gedwongen’ hier aan mee te doen. We kunnen ons niet meer permitteren stil te staan. Doen we niet mee of in onvoldoende mate dan verliezen we het contact met de wereld en dus de dagelijkse werkelijkheid. De effecten daarvan zijn angst, boosheid en verdriet, negatieve emoties waar mensen niet gelukkig van worden.  Lees verder

Flexibele pré-pensionado periode

‘Er toe doen’ blijkt een belangrijke reden voor ouderen om te willen blijven leven. Uit promotieonderzoek van Els van Wijngaarden, onderzoeker aan de universiteit voor Humanistiek, blijkt dat ouderen die serieus overwegen een eind aan hun leven te maken dat vooral willen omdat zij zich eenzaam en overbodig voelen. In gesprekken met ouderen hoorde Van Wijngaarden telkens dezelfde vijf klachten: eenzaamheid, er niet meer toe doen, het onvermogen zich te uiten, geestelijke of lichamelijke vermoeidheid en een aversie tegen afhankelijkheid. Ouderen voelen zich soms een blok aan het been van hun kinderen, niet meer van belang, gemarginaliseerd. Hun verbinding met de wereld zijn ze kwijt geraakt. Een aantal van deze ouderen heeft een sterke stervenswens, echter de euthanasiewet zegt dat er een medische reden voor moet zijn en niet een stapeling van ouderdomsklachten. Het effect van dit alles kan zijn dat ouderen zelf gaan proberen met bijvoorbeeld medicijnen een einde aan hun leven te maken. Van Wijngaarden stelt: ‘Ik zie bij deze groep ouderen nog vaak het verlangen om gehoord te worden, om nuttig te zijn. In plaats van ons af te vragen of deze mensen dood mogen, moeten we kijken of we daar iets mee kunnen doen.’  Lees verder