‘Blijf altijd jezelf’

Het zijn stuk voor stuk hartverwarmde reacties die ik krijg over mijn aanstaande opaschap: ‘Het is zó bijzonder! Je beseft het pas echt als het zover is. Het is het mooiste wat je kunt overkomen.’ Reacties van familie, vrienden en kennissen die zelf opa of oma zijn. Bijna standaard komt de vraag of ik ga oppassen, meestal direct gevolgd met het advies om niet te kiezen voor een vaste dag. Ik hoor het allemaal met plezier aan. Mijn belangrijkste wens is een opa te zijn, die een warme, lieve band weet op te bouwen met zijn kleinkind. Het opaschap past voor mijn gevoel naadloos in mijn levensloop. Ik vind dat ik er klaar voor ben. Het maakt mijn levenscirkel rond. Ik kom uit een warm familienest, gelukkig maar! Het gevoel van geborgenheid heb ik samen met mijn lief doorgegeven aan onze kinderen. En naarmate ik verder in de derde levensfase kom, wordt het besef steeds groter dat een warm familienest zeer bepalend is voor kwaliteit van leven. Dat besef wordt weer eens zichtbaar en voelbaar afgelopen zondag.

Mijn oudste broer en schoonzus vieren hun 50 jarig huwelijk samen met de kinderen, kleinkinderen, (schoon)zussen, broers, zwagers en enkele vrienden. Alles bij elkaar zo’n 50 mensen, die een belangrijke rol vervullen in de levensloop van mijn broer en schoonzus samen. Het begint met twee totaal verschillende mensen, die elkaar toevallig ontmoeten en stapelverliefd worden. Na vijf jaar verkering (zo hoorde dat in de jaren zestig) besluiten zij om te trouwen en voortaan alle lief en leed met elkaar te delen. Zij worden vader en moeder van drie prachtige dochters, die op hun beurt volwassen en verliefd worden en kinderen krijgen. Nu zijn ze ook opa en oma van maar liefst negen kleinkinderen waarvan een aantal ook weer verliefd is, zo blijkt uit de aanwezigheid van enkele vriendinnetjes op het feest. Iedereen, jong en oud, voelt op deze zonnige zondagmiddag iets van het ritme van het leven, dat vervolgens ook uitgesproken wordt in enkele speeches en een lied. In zijn speech heeft mijn broer de eerste strofe van een gedicht van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska verwerkt. ‘Niets gebeurt tweemaal en niets zal tweemaal gebeuren. Geboren zonder kundigheden, sterven we dus als onervaren senioren.‘ Hij eindigt zijn speech met de woorden: ‘Blijf altijd jezelf!’ Dat is mooi gezegd en iedere aanwezige weet dat het zijn levensmotto is. Een motto dat prachtig aansluit bij de laatste strofe van het gedicht van Wislawa Szymborska: ‘Lachend en elkaar omhelzend verzoenen we ons met elkaar, ook al zijn we zo verschillend als twee druppels water.’

Ik heb deze 50-jarige bruiloft van mijn broer en schoonzus samen met familie en vrienden als zeer intiem ervaren. Het woord intiem wordt in de Van Dale simpelweg verklaard als o.a. ‘een vertrouwde sfeer’. Voor mij gaat het veel verder, zelfs dieper. 20170524_112256In mijn afstudeerthesis ‘Intimiteit in de hoge ouderdom’ (1997) heb ik onderzocht dat de beleving van intimiteit aan veel hoogbejaarden juist zin geeft aan hun bestaan. Ik heb dit begrip toen gedefinieerd als: ‘Intimiteit is de hoogste mate van vertrouwelijkheid in jezelf en in je relatie tot de ander, die ontstaat op het moment dat de mens zichzelf kan zijn in zijn persoonlijk leefgebied.’ Een definitie is vaak een mond vol ingewikkelde woorden, maar ik merk bij mijzelf en om mij heen bij andere mensen die in de derde levensfase zijn beland, dat zij dit meteen begrijpen. Deze betekenis van intimiteit is het bijzondere en fijne aan het ouder worden. Het senior zijn, maar ook het opa en oma mogen zijn dat gun je iedereen van harte. Ik kan in ieder geval haast niet wachten om als opa straks vanuit het motto ‘Blijf altijd jezelf’, het nog onbeschreven, pure wezentje in mijn armen te sluiten.

 

Dat ene woord…..

IMG-20170514-WA0000Ik heb net de laatste woorden meegezongen met de meute op het marktplein van Rotterdam ‘….DAT ENE WOORD…. FEYENOORD….MIJN FEYENOORD!!!’ of de bal ligt al in het doel. Volledig uitzinnig spring ik samen met die andere duizenden mensen als een gek op en neer, armen om schouders van mensen die ik nooit eerder gezien heb, bierspetters vliegen in het rond. Het is een ongelooflijke apotheose, terwijl de wedstrijd nog geen minuut oud is. De rest van de middag en avond en de maandag erna beleef ik als in een roes. Feestend Rotterdam straalt saamhorigheid uit, jong, oud, blank, zwart, rijk, arm, 178 nationaliteiten…… Ik geniet even met een smiley van oor tot oor van de mooiste en gelukkigste stad in Nederland.

Een week eerder ben ik met mijn lief in Spanje, Fuengirola. Heerlijk een weekje zon happen op het strand, boekje lezen en s’ avonds lekker tapa’s eten in één van de vele restaurantjes op een leuk dorpsplein. Lang geleden in 1973 ben ik daar voor het eerst met mijn lief, mijn zus en moedertjelief naar toe geweest. Dit keer baal ik er een beetje van dat ik een week heb uitgekozen dat Feyenoord kampioen kan worden in de wedstrijd tegen stadsgenoot Excelsior. Ik woon notabene nog geen 500 meter van dit Kralingse stadionnetje en wil dat natuurlijk graag meemaken. Helaas moet ik het doen met een slecht TV beeld op een armetierig uitziend terrasje aan een Spaanse boulevard. Niet alleen het terrasje, ook de wedstrijd blijkt uiteindelijk een sof. Ik ben dan ook als een kind zo blij dat ik zondag alsnog in Rotterdam op de Binnenrotte sta samen met duizenden uitzinnige supporters. De man naast mij blijkt zowaar een bruingezonde overwinteraar uit Spanje, Fuengirola!! te zijn. ‘Toeval bestaat niet’, zou Lee Towers gezegd hebben en voor de honderdduizendste keer schalt zijn ‘Your never walk alone’ over de Binnenrotte. Zelden in mijn leven heb ik mij zo heerlijk spontaan laten meenemen in de euforie van een feestende mensenmassa.

Voorafgaand aan de voetbalwedstrijd sta ik in mijn Feyenoord shirtje samen met enkele honderden Rotterdammers op Plein 1940 waar bij het Zadkine monument het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940 wordt herdacht. Als om een paar minuten voor half twee, onze burgemeester Ahmed Aboutaleb een krans legt en er twee minuten stilte wordt gehouden, hoor ik in de verte duizenden supporters ‘Hand in hand kameraden’ zingen. Het stoort mij niet, integendeel, de stad heeft zich fantastisch opgericht na de oorlog. Ik voel de kracht van verbroedering en hoop. Dit is wat onze burgemeester telkens weer benadrukt en nastreeft. Als een echte burgervader neemt hij het voortouw en vraagt zijn medeburgers mee te doen met de ‘wij samenleving’. Twee dagen na de huldiging op de Coolsingel is hij samen met Kim Putters, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau aanwezig in De Nieuwe Poort, het huis van ontmoeting en inspiratie aan het Weena, hartje Rotterdam. Daar wordt gesproken over hoe je het wij-zij denken doorbreekt. Rotterdammers gaan in gesprek over wat hen tot één volk maakt. Samen proberen zij een antwoord te vinden op de vragen: Wie zijn wij in Nederland? Op welke manier is Rotterdam een voorbeeld voor de rest van Nederland? Dit gesprek is een burgerinitiatief opgezet door LOKAAL, Centrum voor Democratie Rotterdam samen met G1000, Platform voor Democratische Innovatie. De namen mogen een beetje hoogdravend klinken, maar alles op een rijtje zettend van datgene wat er allemaal in Rotterdam gebeurt, inclusief het prachtige kampioenschap van Feyenoord, zou ik het motto willen beamen: ‘We doen het gewoon met elkaar in Rotterdam.’

 

Luiers-op-maat

‘De helft van de jongeren tussen de 15 en 25 jaar met een baantje, ziet het niet zitten om tot op hoge leeftijd te blijven werken. Ze verwachten rond hun 55ste jaar lichamelijk en/of geestelijk niet meer fit genoeg te zijn voor het werk wat ze op dit moment doen.’ Aldus een artikel in Trouw naar aanleiding van een enqûete van TNO en CBS.

Ik vind dit een schokkende gedachte van die jongeren. Het wordt hoog tijd om totaal anders te kijken naar onze levensloop, inclusief de daarin opgenomen (werk)loopbaan. Het huidige pensioenbegrip en – stelsel daarin dient op de helling gezet te worden. We zien een gestaag toenemende levensverwachting, inclusief kwaliteit van leven. Daarbij komt dat arbeid in rap tempo aan het veranderen is. Hadden we eerst de eeuw van de industrialisatie, nu zijn we beland in de eeuw van robottisering, kunstmatige intelligentie en toenemende technologische ontwikkelingen. Dit alles zal de inzet van mensen op het levensgebied arbeid wezenlijk veranderen. Ik kan – bij wijze van spreken – in de nabije toekomst als 80-jarige stratenmaker met behulp van allerlei technologie met het grootste gemak een heel dorpsplein bestraten. We zullen moeten toewerken naar een levensloop/loopbaan traject-op-maat. Om dat mogelijk te maken moeten we nieuwe maatschappelijke randvoorwaarden met elkaar formuleren. Ik denk dan onder andere aan een vorm van basisinkomen voor iedereen en aan een langdurige periode gedurende de tweede levenshelft waarin flexibele inzet in arbeid mogelijk is.

Vanuit mijn vakgebied gerontologie laat onderzoek zien dat door de individualisering de onderlinge verschilllen tussen mensen groot zijn en nog eens enorm toenemen tijdens het leven. Dat heeft tot effect dat ook de bandbreedte qua ontwikkeling binnen groepen als 50-gers, 60-gers, 70-gers extreem groot wordt. Mijn biologische leeftijd en de daaraan gekoppelde persoonlijke neuro-fysieke ontwikkeling is slechts een van de vele bepalende factoren hoe ik in het leven sta of kan staan. Zeker zo bepalend zijn sociaal, cultureel en economische factoren. Het is om die redenen volkomen achterhaald om een pensioengerechtigde biologische leeftijd vast te stellen. Mijn leven bestaat daaruit dat ik in alle levensfasen in mijzelf én in mijn omgeving zoek naar een goede balans op alle levensgebieden: lichaam/geest, sociale relaties, materiële zaken, arbeid/hobby, inspiratie/zingeving. Natuurlijk liggen er gedurende langere periodes bepaalde accenten op één of meerdere levensgebieden. Vooral de eerste jaren en wellicht ook de laatste levensjaren zal ik vanwege hoge kwetsbaarheid extra aandacht en ondersteuning nodig hebben. Alles daartussen is flexibel en vraagt telkens nieuwe afstemming met jezelf en de maatschappelijke omgeving. Voor mij geldt dat de ideale balans wordt bepaald door het simpele feit dat ik mij op dat moment tevreden voel, dat ik van waarde ben en het naar zin heb.

IMG-20170509-WA0000Als ik dan kijk naar mijn huidige derde levensfase probeer ik als zeventigjarige volwaardig én gelijkwaardig met andere generaties op te trekken. Ik zet mijn werkervaringskennis nog steeds graag in, niet zozeer vrijwillig, maar liefst gewoon betaald. Mijn ervaringskennis als mens, sociaal wezen, blijf ik zo lang als mogelijk beschikbaar stellen. Dit vaak wel op vrijwillige basis, net als in mijn eerdere levensfasen. Naarmate mijn leeftijd hoger wordt, zoek ik bewuster naar zinvolle vrijetijds dagbesteding-op-maat. En dan ineens als geschenk uit de hemel, kondigt zich sinds enkele weken een geheel nieuwe rol voor mij aan. Ik word opa! Na het vader-zijn is opa-zijn een nieuwe en fantastische opdracht in mijn leven, welke diep in mij een geweldig gevoel van warmte en liefde oproept. Ik zal een trotse opa zijn en het mooiste kleinkind op de wereld verwelkomen. Ik verheug me er op om mijn kleinkind stap voor stap wegwijs te maken in deze wereld. En ja hoor, daar hoort ook luiers-op-maat verschonen gewoon bij.