Dagelijkse sleur

Mijn micro leventje voelt de laatste weken als een sleur. Het maakt weinig uit welke dag het is, elke dag is hetzelfde: acht uur opstaan, pilatesoefeningen doen, ontbijten en de krant lezen. Daarna wat achter de computer zitten en tussendoor kleine klussen in en om het huis doen. In de middag naar het volkstuintje. Ook daar wat klusjes doen, boek lezen, glaasje drinken en weer naar huis om te eten. ’s Avonds boekje lezen, wat tv kijken en rond elf uur naar bed.

IMG_20190505_132113Eerlijk gezegd ben ik ontzettend dankbaar en blij dat we met z’n tweeën zijn en (al 46 jaar) heel gelukkig met elkaar. Hoeveel mensen zijn er niet alleen? Het lijkt mij dat je je met de social distance regels van dit moment extra eenzaam kunt voelen. Hoewel de berichtgeving over de ontwikkelingen rond het coronavirus in ons land positief zijn, blijft het besmettingsgevaar zonder vaccin groot. Ik vrees dat we nog lang zullen moeten zien te leven met anderhalve meter afstand. Daar word ik wel een beetje moedeloos van. Tegelijk realiseer ik mij dat mijn moedeloosheid lang niet zo erg is als de enorme zorgen van al die mensen die hun werk niet kunnen/mogen doen. Zij zijn gedwongen lijdzaam af te wachten op versoepelende maatregelen voor hun werksector. 

De sleur in mijn microleventje en dat van mijn lief wordt binnenkort doorbroken. Op 1 mei krijgen wij de sleutel van ons nieuwe appartement. De aannemer die dit appartement gaat opknappen voor ons, kennen we goed en is erg vertrouwd. We zijn blij dat hij dit weer wil doen. Het zal een van zijn laatste klussen zijn, want hij zit tegen zijn pensioen aan. Qua corona veiligheidsmaatregelen zullen er telkens maar één of twee mensen tegelijk werken. Naast hemzelf een sloper, een loodgieter en een electriciën. Voor de coronacrisis hebben mijn lief en ik al gekeken naar vloerbedekking, keuken- en badkamerinrichting e.d.m.. Het is nog wel spannend wat betreft de levering van allerlei bouwbenodigdheden. Veel bouwmateriaal en apparatuur komt uit het buitenland….. en daar is eveneens de coronacrisis. 

plattegrond inrichtingOnze lieve schoondochter, die interieuradviseur is, heeft aangeboden om een inrichting-  en lichtplan te maken. Dat blijkt dit keer niet alleen inhoudelijk een klus, maar praktisch ook. Zoals bij heel veel ouders op dit moment speelt het dagelijkse leven zich alleen maar af in huis, in de tuin en bij de voordeur. Onze kleindochter is al vijf weken thuis, want het kinderdagverblijf is gesloten. Onze zoon werkt vanuit huis en zit van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat op de zolderverdieping te bellen en te videovergaderen. Onze schoondochter kan alleen ’s avonds iets voor haarzelf doen.

Alles bij elkaar is het een prettig vooruitzicht dat wij de komende twee maanden bezig zijn met deze praktische klus van opknappen appartement en verhuizen. Daarna zullen we de nodige energie gaan stoppen in het thuisraken op deze nieuwe woonplek. Voorlopig even geen sleur meer. Hopelijk is tegen die tijd de anderhalve meter afstandsregel iets versoepeld, zodat we echt contact kunnen maken met de nieuwe buren. Tja, en dan nog op vakantie? Ik denk dat er van een vakantie dit jaar niet zo veel zal komen. Mocht het wel mogelijk zijn dan wordt het waarschijnlijk een fietsvakantie in eigen land, zodat we de economie steunen.

763Zo wordt het leven in Nederland en in de hele wereld in 2020 helemaal bepaald door het virus. In deze tijd van individualisering zal het voor iedereen klip en klaar moeten zijn dat we onlosmakelijk verbonden zijn met de andere mensen, in onze buurt, in onze stad, in Nederland, in Italië en Spanje…..overal op de wereld. Veraf-gistan bestaat niet meer, nooit meer. Iedereen staat dichtbij, minimaal anderhalve meter. We zijn voortaan wereldburgers, die voor elkaar moeten zorgen…… 

Alle hens aan dek!

Er valt erg veel te zeggen over het coronavirus zelf en de maatregelen die genomen worden om het beheersbaar te houden en onder controle te krijgen. In dit blog wil ik inzoomen op de situatie in veel verpleeg- en verzorgingshuizen.

20200414_170410De laatste dagen verschijnen er steeds meer berichten dat het aantal coronadoden en coronabesmette personen in onze zorginstellingen enorm stijgt. Overigens, zo lees ik in de krant, doet deze situatie in zorginstellingen zich voor in heel Europa. Door de maatregel dat er geen bezoek meer mag komen, tenzij iemand terminaal is, zijn deze plekken al enkele weken geheel van de buitenwereld afgesloten. De aldaar verblijvende kwetsbare ouderen, de meesten op hoge leeftijd, moeten het wat betreft hun contact met partner, kinderen en vrienden doen met skypen, zoomen, appen of op een gehuurde hoogwerker voor het raam verschijnen. De maatregel als zodanig is rationeel goed te verklaren, wetende dat het virus juist dodelijk toe lijkt te slaan bij kwetsbare ouderen. Daarbij komt dat in dergelijke instellingen de medewerkers eveneens een gemakkelijk doelwit voor dit gemene virus vormen. Dus alle hens aan dek!

Wat we echter al lang weten is dat er in veel zorginstellingen regelmatig personeelskrapte bestaat. Wat we ook al lang weten is dat zorgmedewerkers hun stinkende best doen en echt met hun hart zorg verlenen. De werkdruk is al jaren enorm hoog. Daar komt nu nog eens deze bizarre coronacrisis boven op. Op veel plekken worden niet alleen ouderen ziek, maar ook medewerkers. Zij moeten bij koorts en verkoudheid afhaken en vervolgens komen er invalkrachten. Ga er maar aan staan!

20200414_170505Los van deze problemen, denk ik dat we ons onvoldoende hebben gerealiseerd dat veel instellingen absoluut niet zijn toegerust om zoiets als de coronacrisis te managen. Men heeft zich aanvankelijk vooral gefocussed op maatregelen in het  sociale domein. Overigens is dat domein van groot belang, zeker bij deze kwetsbare ouderen. Maar al die specialistische zorg rond corona vraagt om expliciete verpleegkundige deskundigheid. Er lopen over het algemeen weinig verpleegkundigen rond in de zorginstellingen. De meeste medewerkers zijn opgeleid tot helpende of verzorgende, en gericht op ondersteuning van een zeer diverse groep kwetsbare ouderen. Ik vraag mij ook af of er veel managers zijn met een verpleegkundige achtergrond. Deze kerndiscipline kent bijvoorbeeld wel de thuiszorgorganisatie Buurtzorg. Zij werkt met kleine teams, bestaande uit (wijk)verpleegkundigen en wijkziekenverzorgenden. 

Ik wil niemand iets verwijten. Veel belangrijker is snelle actie richting verpleeg- en zorginstellingen, die hulp nodig hebben. We moeten er voor zorgen dat er met grote spoed extra deskundigheid in die zorginstellingen komt. En natuurlijk moeten we zorgen voor de juiste beschermde kleding, mondmaskers en dergelijke meer. Extra aandacht vraagt ook de communicatie, zowel over de genomen maatregelen in de instelling als over de leefsituatie van iedere bewoner afzonderlijk. Voor de bewoners en hun geliefden vraagt de huidige extreme vorm van social distance heel, heel veel. Daarom is het extra belangrijk om er op te kunnen vertrouwen dat er alles voor je geliefde gedaan wordt wat mogelijk is.

Laten we nu de energie in deze maatregelen stoppen en pas later, als we het virus onder controle hebben, rustig evalueren wat er allemaal is gebeurd. 

Archieffoto

PvdA Rotterdam eist duidelijkheid omtrent De Leeuwenhoek…….

 

 

 

Samen . Doen . Lange Tijd

20200408_122729Via de post valt er een grote envelop op de deurmat. Mijn oudste broer, geboren in 1944, stuurt ons een dagboek van de familie Beke. Het omvat de oorlogsperiode 17 september 1944 tot 12 juni 1945. Het dagboek beschrijft dus het eerste levensjaar van mijn broer. Terwijl ik het lees, moet ik telkens denken aan ons dagelijks leventje in deze coronacrisis. 

Mijn pas getrouwde ouders wonen vlak bij het centrum van Arnhem. Tegenover hen wonen opa en oma Beke. Het is zondag 17 september 1944. Al dagen is het onrustig in de stad. In de ochtend gaat drie keer het luchtalarm af. Dan tegen het middaguur horen en zien zij honderden vliegtuigen in de lucht. Overal om hun heen vallen bommen op het centrum van de stad. Hun huis wordt wonder boven wonder niet geraakt. Er is geen stroom, gas en water meer.

De eerste dagen na het bombardement is er totale chaos. Het leven ligt helemaal stil. ’s Woensdags zou een zus van mijn vader trouwen. Dat gaat natuurlijk niet door. Er volgen enkele angstige dagen en vooral nachten. Ze durven nauwelijks naar buiten. Wat moeten zij doen? Hoe gaat dit verder?

102958_arnhemmers_ontvluchten_het_oorlogsgeweld__w800_h600Dan op zondag 24 september moet iedereen de stad verlaten richting Velp en Apeldoorn. De houten vloeren in huis worden opengebroken om daar allerlei huisraad onder te stoppen. Met een handkar, een kinderwagen (met mijn oudste broer erin) en een zwaar beladen fiets gaat de familie samen met enkele andere families (totaal 39 personen!!) op pad. Het regent heftig en na een zware tocht komen zij in Velp, waar zij bij een familie ondergebracht worden die een timmerwerkplaats heeft. Vanaf dat moment zullen mijn ouders, broertje en enkele familieleden acht maanden lang van huis en haard verdreven zijn: eerst Velp, dan Loenen en tenslotte Amersfoort.

Het is woensdag 16 mei 1945 als oom Piet (de dagboekschrijver)  terugkomt in hun huis in Arnhem. De ravage is groot. De muren zitten vol gaten, het dak is vernield en het meeste meubilair is weg. Zijn nuchtere reactie is: ‘Enfin we zullen maar aanpakken en de grootste rommel zo gauw mogelijk aan de kant zien te krijgen!’ Mijn ouders blijven nog tot half juni in Amersfoort, waar eind mei mijn andere broer geboren wordt.

Er zijn veel dingen die mij tijdens het lezen van dit dagboek opvallen en waarover ik nadenk. De familieband is hecht en groeit nog steviger in deze moeilijke tijd. Het leven is gericht op de meest basale levensbehoeften: zoeken van slaapplekken, eten zien te vinden en vooral ook hout sprokkelen. Alles gebeurt te voet of met de fiets. De enige luxe, zo lees ik in het dagboek, is het vinden van betaalbare shag. Er wordt flink gerookt in de familie. Verder probeert men zo gewoon mogelijk te leven: verjaardagen worden gevierd, er wordt getrouwd en kinderen worden geboren. 

Extra heftig is het voor mijn moeder, inmiddels weer in verwachting, als mijn vader drie keer in het ziekenhuis in Amersfoort opgenomen wordt vanwege zeer ernstige maagproblemen. Wonder boven wonder komt hij er bovenop. Mede dankzij de hechte band met de (schoon)familie en vrienden weet zij de moed er in te houden. 

20200408_122525Mijn vader en moeder hebben een extreem moeilijke start gehad. Ik ben een jaar na de oorlog geboren en heb dit besef meegekregen in mijn dna. De ouders van mijn lief hebben gelijksoortige, heftige oorlogservaringen. Ik merk dat het ons helpt in deze coronacrisistijd. Vergeleken met de oorlogstijd is de huidige crisis weliswaar zeer bedreigend, maar minder heftig. Wij doen vol overtuiging mee aan de oproep van Rutte om elkaar te steunen door social distance te accepteren. Onze kinderen en naasten doen er even hard aan mee. Wij realiseren ons dat deze situatie een tijdje zal duren. We weten ook dat deze crisis niet eindigt zoals de 2e W.O. met het tekenen van de capitulatie op 5 mei 1945. 

Het beëindigen van deze coronacrisis zullen we SAMEN moeten ‘ondertekenen’ door te DOEN en ons LANGE TIJD te houden aan de voorschriften.