
Met veel plezier en enthousiasme zijn mijn lief en ik druk met ons verhuisproces. Het plezier zit er in dat het niet alleen gaat om dingen te regelen, maar vooral om hoe we dat doen en met wie. Het voelt dit keer als een bijzonder project. Het voordeel van het pensionado zijn is natuurlijk dat je weinig andere zaken om handen hebt, zodat je je hierop kan richten.
We hebben eerst samen met een goede vriend, die architect is, gekeken naar gewenste verbouwingsopties. Omdat hij in Brabant woont, zijn we twee keer uitgebreid bij hem op bezoek gegaan. Een goede reden om eens extra contact met elkaar te hebben en dat is fijn. Onze ideeën zijn inmiddels doorgenomen met de aannemer en die is aan het kijken en rekenen. Onze aannemer heeft al tweemaal eerder een grote verbouwing voor ons gedaan. Hij is echt enthousiast om deze klus weer voor ons te klaren. Dit contact is ook op dit front vertrouwd en warm.
Wat betreft de inrichting van ons nieuwe appartement doen wij zoveel mogelijk zaken met lokale, ons vertrouwde ondernemers. Niet alleen gunnen wij het die ondernemers, we willen daarnaast graag persoonlijk geholpen worden. Vanzelfsprekend is deskundige voorlichting en advies zeker zo belangrijk. Het is tevens prettig om datgene wat je aanschaft letterlijk gezien en gevoeld te hebben. Mijn ervaring is dat je via internet ongetwijfeld voordeliger uit kunt zijn qua aanschafprijs van veel artikelen. Echter bij grotere en meer diverse aanschaf is het bezorgen, aansluiten apparaten, monteren meubels én de service achteraf belangrijk. Een goede lokale ondernemer heeft vaak eigen mensen in dienst die de technische of andere praktische zaken uitvoert. Hij of zij komt, indien gewenst, vooraf op de locatie kijken en meten en rekent dan niet direct honderd euro voorrijkosten. En als het gaat om een scherpe prijsstelling is er altijd te praten over een korting of iets dergelijks.

Sowieso is onze hele verhuisactie behoorlijk lokaal georiënteerd, blijkt achteraf. De makelaar, die ons huis verkocht heeft en (toevallig) ons nieuwe appartement in verkoop had, heeft zijn kantoor in dezelfde straat, waar wij nu wonen. De hypotheekadviseur heeft ook zijn kantoor in de straat, wel aan de andere zijde. En het appartement waar we gaan wonen ligt in het verlengde van onze straat. De verhuizer die we gekozen hebben uit twee offertes is ons bekend en vertrouwd van de vorige verhuizingen
Waarom denk ik er nu zo over na en schrijf dit in mijn blog?
Ik hecht steeds meer waarde aan mijn directe leefomgeving. Nu ik daar als pensionado meer tijd aan besteed, merk ik dat goede sociale contacten mijn dagelijkse leven extra prettig maken. Wat de inner circle van familie en vrienden betreft wist ik dat al, maar de schil daaromheen begin ik de laatste tijd meer en meer op te zoeken en te waarderen.
Ik bedoel daarmee de contacten met buren, wijkbewoners, evenals de kleine middenstanders in de wijk en in de stad. Sociale cohesie vormt de kern van ons bestaan. In deze tijd van individualisering zullen we daar extra aandacht aan moeten geven. Dat geldt wat mij betreft evenzeer voor de globaliserende consumentenwereld. Deze wordt in toenemende mate anoniemer en (nog erger) gestuurd door algoritmen. Dat is nu juist wat ik niet wil. Ik wil het liefst waar mogelijk in de consumentenwereld een persoonlijke benadering en service. Dat kan alleen als ikzelf en de betrokkene het persoonlijke contact ervaren als meer dan alleen de koop van een product of dienst.
Als ons verhuisproces ongeveer op die manier verloopt, weet ik zeker dat wij straks in ons nieuwe, mooie appartement extra genieten. Het is dan niet alleen de inrichting zelf die tot tevredenheid leidt, het is ook de herinnering aan hoe we het gedaan hebben en met wie.
Als 40/50/60-ger beweeg ik mij permanent tussen jong, middelbaar en oud. Ik ben druk met mijn gezin, mijn werk en mijn carrière. Ik heb een groot sociaal en maatschappelijk netwerk en als het wat minder dreigt te worden, dan vind ik snel weer nieuwe netwerken. Ik wil zeker niet afgeremd worden door oude wijsneuzen of voorbij gestreefd worden door jonge honden. Nu, beginnende zeventiger, ben ik zelf zo’n oude wijsneus, die graag jonge hond wil zijn. Om niet in te kakken, probeer ik daarom kontakt te zoeken met inspirerende leeftijdsgenoten en met andere, liefst jonge honden. Met mijn individuele contacten lukt dat nog wel redelijk, maar goede aansluiting vinden in een groep blijkt lastiger. Ik kom vooral uit bij ouderengroepen en het is de vraag of die dynamisch en uitdagend genoeg zijn naar mijn maatstaven. Hoe vreemd ontwikkelt zich de individuele levensloop op dat punt van sociale contacten.
Deze week praten we over Trump, Italië, Europa en referenda met het boekje ‘Onbehagen’ van Bas Heijne in ons achterhoofd. We hebben het allemaal vooraf gelezen. Ieder van ons beseft dat het wereldbeeld waarmee wij als naooorlogse generatie opgegroeid zijn, behoorlijk achterhaald is. Als individuen met veel autonomie, stelt de technologie ons in staat met de hele wereld te communiceren. Maar tegelijkertijd worden wij ‘geconfronteerd met de overweldigende verknooptheid der dingen. Er is te veel dat onze aandacht opeist, onze empathie verlangt, ons confronteert met onze eigen beperkingen. Tegelijk is er steeds minder sprake van echt contact.’ Heijne werpt in dit essay een nieuw licht op de beschaafde mens en we merken tijdens onze discussie dat zijn analyses ons helpt. Oplossingen hebben we natuurlijk niet, ook niet na vier uur pittig met elkaar praten. Maar het geeft wel wat rust in onze hoofden, constateren we aan het eind van de avond. Als ik thuis kom, kruip ik moe, maar zeer voldaan mijn bed in.