Op onze Trans-Mongoliëreis van 2017 maak ik in de Russische stad Irkutsk deze foto. Het verbaast mij een Nederlandse Sparwinkel te zien op deze plek. Afgelopen zaterdag lees ik een artikel in Trouw met als titel: ‘Spar blaast buurtsuper nieuw leven in’. Met een jaaromzet wereldwijd van 40 miljard euro blijkt De Spar een van de grootste foodretailers van de wereld te zijn!

Buurtsuper Irkutsk, Siberië
Enkele jaren geleden gooit de super het roer om. Men richt zich voortaan op kleine winkels met een sociale functie. ‘Wie een Spar-formule wil exploiteren komt alleen door de selectie als hij of zij een sociaal maatschappelijke antenne heeft’, aldus het artikel in Trouw. ‘We willen weer dat buurtgevoel. Wat ooit iets kneuterigs was, dat is nu de kracht’. Ik krijg er meteen goede zin van. Zo klein en tegelijk zo groot denken geeft mij hoop op een zich ontwikkelende, globaliserende wereld waarin mensen zich toch goed thuis kunnen voelen.Ik lees ook voor het eerst waar de letters DE SPAR voor staan: Door Eendrachtig Samenwerken Profiteren Allen Regelmatig.’
Hoe klein en behapbaar kun je voor jezelf het dagelijkse leven maken? Een ander mens in lijf en leden ontmoeten is daarbij van groot belang, feitelijk van levensbelang. De mens leeft bij de gratie van sociaal contact, dichtbij en soms veraf. De mens is in wezen coöperatief ingesteld. Sociaal contact, terug kunnen vallen op iemand is een belangrijke voorwaarde om prettig te kunnen leven. Als het gaat om voorkomen van een gevoel van eenzaamheid of erger nog een sociaal isolement, is het van groot belang om op iemand terug te kunnen vallen die je volledig vertrouwd. In mijn afstudeerthesis als gerontoloog heb ik hier het begrip ‘intimiteit ‘ aan gekoppeld en dit als volgt gedefinieerd: intimiteit is de hoogste mate van vertrouwelijkheid in jezelf én in je relatie tot de ander, die ontstaat op het moment dat de mens zichzelf kan zijn in zijn persoonlijk leefgebied’.

China: gereedschapskast voor de wijk
Dat persoonlijke, intieme leefgebied is allereerst je eigen domein, je huis, je appartement, je kamer. Dit privédomein bevindt zich vervolgens in een buurt, een plek, een stad, een dorp, een land. Hoe intiem verhoud je je met elkaar in die omgeving en welke externe hulpbronnen gebruik je daarvoor? In onze tijd van individualisering zien we in steden waar over het algemeen allerlei gemeenschappelijke voorzieningen zijn, steeds minder sociale cohesie. In de kleinere dorpen waar gemeenschappelijke voorzieningen om financiële redenen verdwijnen zien we de oorspronkelijke sociale samenhang afbrokkelen.
De Spar probeert met de buurtsuper welbewust dit sociaal-maatschappelijke gebied vanuit commercieel-economisch principe uit te nutten. In hun filosofie hoort er een koffietafel midden in de zaak te staan, is een praatje maken met de klant standaard en wordt het assortiment maximaal afgestemd op de behoefte van de klanten in deze buurt. Een gemeente zou wat mij betreft prioriteit moeten geven aan voorzieningen in de wijk, die sociale cohesie bevorderen.

Buurtinitiatief: Verbetering Luchtkwaliteit Maasboulevard
Een goede stap is er in Rotterdam gezet. De Gebiedscommissie die sinds twee jaar in de Rotterdamse wijken de oude Deelgemeente vervangt stimuleert sociaal-maatschappelijke activiteiten en stelt daar kleine bedragen voor beschikbaar. Als je de handschoen oppakt, kun je een bewonersinitiatief opstarten, zoals ik afgelopen jaren gedaan heb: Verbetering Luchtkwaliteit Maasboulevard en Buurten aan de Maas.

Kerstbuurtborrel: Buurten aan de Maas
Op de Kerstbuurtborrel in december hebben we een kerstwensboom neergezet. Aan het eind van de goed bezochte avond hangt deze vol met buurtwensen: ‘meer buurten met elkaar, een buurt BBQ houden, meer minibiebs in de wijk, een leesclubje – museumclubje – wandelclubje vormen, een zangkoor opzetten, een expositie organiseren van eigen kunstenaars, meer planten(bakken) voor de gevels en minder tegels in de tuintjes.’
Langzaam groeit er in ons wijkje iets meer sociale cohesie en dat geeft deze gepensioneerde burger moed!
Verbetering Luchtkwaliteit Maasboulevard (zie vorig blog) is er zo een. Maar ook het initiatief Buurten aan de Maas, elkaar ontmoeten. Afgelopen jaar hebben we vier keer een ontmoetingsavond georganiseerd, inclusief een buurtkerstborrel. De opkomst is verrassend goed en zelfs heel goed als er iets van muziek bij komt. De ontmoetingsplek is het gebouw PodiumO950, gelegen aan de Oostmaaslaan pal langs de Maasboulevard. Met dit gebouw heb ik een bijzondere band.
Het gebouw is ontworpen door de beroemde architect Rietveld en in 1968 opgericht door de Duitse jongeren organisatie Aktion Sühnezeichen Friendensdienste (ASF). Het is bedoeld als een ‘levend’ monument dat ten dienste staat aan de Rotterdamse bevolking. Helaas blijkt het lastig dit gesubsidieerde project na drie jaar te verlengen, dus ga ik op zoek naar een nieuwe baan. Ik word directeur van een zorginstelling in Vlaardingen en ga daar met mijn gezin wonen. Dan, ruim achttien jaar later, keer ik terug naar Rotterdam.
En toeval of niet, ik koop een mooi oud huis aan de Oostmaaslaan op steenworp afstand van het gebouw waar ik drie jaar gewerkt heb. Het gevoel van l’histoire se répète wordt tijdens de zeer sfeervolle Kerstbuurtborrel op 21 december j.l. extra versterkt. Ik bedenk mij ineens dat ik iets aan het doen ben, dat ik ook al op mijn achttiende heb gedaan, namelijk muziekavonden in de wijk organiseren.
Het is maandagmorgen 7 januari 2019 11.00 uur als het klimaatadaptieve voorplein van het Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard (HHSK) officieel geopend wordt door dijkgraaf Hans Oosters, wethouder Bert Wijbenga gemeente Rotterdam, Rens van Overdam voorzitter Gebiedscommissie en mijn persoontje namens de bewonersinitiatiefgroep. Dit alles speelt zich af in Struisenburg, een wijkje in Kralingen Crooswijk gelegen aan de prachtige Maasboulevard. Het is een bijzonder gebeuren omdat dit een samenwerkingsproject is van een groepje buurtbewoners met steun van Stadslab Luchtkwaliteit, het HHSK en de Gemeente Rotterdam.
Sinds ik fulltime pensionado ben merk ik, dat ik meer tijd, aandacht en focus krijg voor zaken die in mijn directe leefomgeving plaatsvinden. Aangezien ik langs de Maasboulevard woon en dagelijks veel in en om mijn huis vertoef, ben ik mij wat gaan verdiepen in de fijnstof materie in onze stad. Er blijken meer plekken te zijn met zeer hoge concentratie fijnstof waar bewoners iets willen doen aan vermindering daarvan. Ik kom in kontakt met het Rotterdamse buro Stadslab/Luchtkwaliteit dat bewoners adviseert en ondersteunt in experimenten met specifieke groenbeplanting, die fijnstof kan opvangen zoals, mossoorten, de dwergden, vlinderstruik, olijfwilg en prachtriet. Ik noem het ‘slim groen’. Mijn enthousiasme neemt toe, ik spreek een aantal mede wijkbewoners aan en onder het motto ‘verbeter de wereld begin bij jezelf’ nemen we het initiatief in 2016 een bewonersinitiatief aan te vragen: ‘Verbetering luchtkwaliteit Maasboulevard’. We hebben twee hoofddoelstellingen. Allereerst bewustwording vergroten bij medebewoners en hen stimuleren o.a. minder tegels in tuintjes te leggen, waar mogelijk mosdaken te realiseren en vooral veel ‘slim’ groen te planten langs de gevels en op de balkons.
Onze tweede doelstelling is om de gemeente Rotterdam te vragen op de strook gras, direct langs de Maasboulevard niet al te hoge slim groenplantjes te plaatsen. Op die wijze zal de opvang van fijnstof maximaal kunnen plaatsvinden en tegelijkertijd is het extra groen een mooi gezicht. We maken een begroting voor al deze activiteiten van € 9.500 en krijgen al snel groen licht van onze Gebiedscommissie.
Dat kontakt is een schot in de roos. Het Hoogheemraadschap, gericht op waterbeheersing, wil namelijk het betegelde voorplein, dat zo geen visitekaartje is, herinrichten. Naast luchtverontreiniging hebben we ook steeds vaker te maken met piekbuien en een overvraagd riool. Om regenwater beter vast te houden, te infiltreren en te gebruiken is het van belang om meer onverhard oppervlak te realiseren en water de grond in te laten zakken in plaats van naar het riool te leiden. Hier vinden wij als bewonersinitiatief en het Hoogheemraadschap elkaar in. Aan Stadslab Luchtkwaliteit wordt gevraagd de wensen en ideeën van beide partijen mee te nemen in een voorplein
ontwerp waarin zowel water- als lucht-gerelateerde principes zichtbaar aanwezig zijn.