
Turkmenistan, gaskrater
Dit jaar hoef ik niet met vakantie in de periode dat er schoolvakanties zijn. Sinds mijn lief gestopt is met werken kunnen we gaan en staan, waar en wanneer we willen. Dat betekent dat we dit jaar de maanden juli en augustus gewoon thuis gaan doorbrengen. Dat is wennen. Het voelt ongemakkelijk want ik wil iets van een vakantiegevoel hebben, vrij van verplichtingen, een lege agenda, een totaal andere leefsfeer. Vreemd eigenlijk, want als pensionado heb je toch altijd vakantie?
Mijn leven als fulltime pensionado ervaar ik niet als ‘altijd maar vakantie’. Het vinden van een dagritme met allerlei zinnige activiteiten is voor mij min of meer gelijk aan werken. Natuurlijk heb ik minder druk en minder moeten dan toen ik een baan had. Maar even helemaal weg uit het reguliere dagelijkse leefritme blijft een terugkerende behoefte. Wat mijn lief en mij betreft maken we de laatste jaren verre, avontuurlijke vakantiereizen. We zijn nieuwsgierig hoe totaal andere culturen functioneren. Voor dit jaar hebben we weer een verre, avontuurlijke reis gepland, maar deze nog niet definitief geboekt. De reis die we samen willen maken gaat naar China en Noord Korea. We twijfelen omdat de reis behoorlijk wat geld kost en omdat we afwegen of we het wel kunnen maken om op vakantie te gaan naar zo’n arm land vol onderdrukking en geweld.

Teheran, stadsbus
Ons alternatief is Jordanië en Israël. Dat laatste land is voor ons lastig want in onze paspoorten staat een visum van Iran en dat is de aartsvijand van Israël. Als we dat willen moeten we eerst een tweede paspoort aanvragen, dat tweejarig geldig is.
Mede door deze besluiteloosheid zitten we nog steeds thuis in deze maand juli en kan ik mijn dagelijkse draai niet goed vinden. Als ik daar afgelopen vrijdag met een oude kennis over praat, vertelt hij mij, dat hij eigenlijk nooit op vakantie gaat. Hij is directeur/eigenaar van een groot bedrijf en vindt zijn werk zo bevredigend en boeiend, dat hij geen enkele behoefte heeft aan vakantie. Hij ‘staat 24 uur per dag aan’ voor zijn bedrijf en hij zou niet anders willen. Zo kan het natuurlijk ook. Ik ben wel benieuwd wat vakantie gaat inhouden als hij stopt met werken….Ik denk dat hij op een andere manier in staat is (geestelijk) bij te tanken. Ook hij zal af en toe rust in zijn hoofd moeten vinden.

Isfahan, lunch
Ik realiseer mij ook dat mijn vakantie gevoelens behoorlijke luxe zijn. Tot mijn verbazing lees ik in de krant dat ruim een kwart van de Nederlanders dit jaar niet met vakantie gaat. 64 Procent van hen vindt vakantie te duur. Uit deze cijfers van het NIBUD blijkt dat in onze welvaart maatschappij vakantie een duur consumptieartikel is geworden. Bij de pensionado’s is de tweedeling volgens mij behoorlijk groot. Er zijn er die alleen een AOW uitkering hebben en die niet zomaar met vakantie kunnen gaan. Tegelijkertijd zijn er veel die een redelijk pensioen hebben. Zij kiezen massaal voor vakantiereisjes buiten de schoolvakantie periode. Zij omzeilen dan de hoogseizoenprijzen. In deze doelgroep zijn de vakanties met cruiseschepen niet aan te slepen. Ik denk dat de dumpprijzen een belangrijke rol spelen, maar ook het idee dat het een totaal verzorgde reis is met alles erop en eraan. Dat geeft aanzienlijk minder vakantiestress dan andere vormen van reizen. Voor mij zijn dit type vakanties té passief. Ik krijg daar geen energie van.

Trans Siberië Express
Voor veel babyboomers is vakantie vieren pas vele jaren na de oorlog normaal geworden. Ik ben geboren in 1946 en pas op mijn vijftiende ga ik voor het eerst op vakantie naar Noordwijk aan Zee. Vanaf toen is voor mij jaarlijks vakantie vieren gewoon geworden. Mijn kinderen, inmiddels in de dertig, weten niet beter dan dat vakantie, liefst in het buitenland, er bij hoort.
Nu als fulltime pensionado heb ik weer de kriebels: ‘Hoe leven de mensen in andere delen van de wereld?’ Natuurlijk is ons eigen landje zeer de moeite waard om in rond te reizen, liefst per fiets. Wie weet ga ik dat de komende jaren ook nog doen. Maar vooralsnog kies ik voor spannende verre reizen, zoals de Zijderoute…..
Na twee dagen vertoefd te hebben in de megalomane stad Asghabat rijden we per jeep de woestijn in. We overnachten in een tentje op honderd meter van de beroemde Darwaza gaskrater, een enorm gat in de aardbodem. Meer dan vijftig jaar brandt er gas in deze krater, in de volksmond geheten ‘De poort naar de hel’.
De volgende dag steken we de grens over naar Oezbekistan. In de week die volgt bezoeken we de oude zijderoute pleisterplaatsen Khiva, Buchara en Samarkand. We ontdekken dat rond 1000 na Chr. in Centraal Azië de slavenhandel enorm opbloeide. Vooral slaven uit Turkse stammen waren zeer in trek vanwege hun moed en vindingrijkheid.
De slaven werden in ruimtes langs de vestingmuren ondergebracht. Op dit deel van onze reis wordt het erg toeristisch. Dat betekent meer commercie, opdringerige verkopers, duurdere horeca en hotels. Eigenlijk vinden we dat een beetje jammer na onze ervaringen in Iran en Turkmenistan, waar we nauwelijks toeristen tegen zijn gekomen.
Onze reis eindigt in Kazachstan, het enige land waar we geen visum voor nodig hebben. Onze 34-jarige gids vertelt dat zijn ouders nog in een kolchoz hebben gewerkt. Zijn moeder is ernstig ziek, waarschijnlijk veroorzaakt door het regelmatig spuiten met insecticiden, terwijl zij op het land moesten werken. Hij betaalt voor haar de behandeling in een privé kliniek. Hoewel het huidige regime behoorlijk corrupt is, is hij er tevreden mee. Het leven is sinds de onafhankelijkheid behoorlijk verbeterd. Zijn droom is dat zijn zoontje , die een grote fan is van Robin van Persie, profvoetballer wordt. Hij heeft in zijn geboorteplaats inmiddels drie ossen grootgebracht en gaat deze binnenkort verkopen. Met het geld wil hij een appartement in Almaty kopen.
In Turkmenistan is de extreme persoonsverheerlijking van de leiders opvallend. Onze aardige gids daar heeft vier dagen lang een vast verhaal verteld, zonder persoonlijke kanttekeningen. Qua natuurbeleving en archeologische plekken zijn we hier helemaal aan onze trekken gekomen. In Oezbekistan hebben we het meest de oude zijderoute kunnen ervaren.
Honderdduizenden burgers uit die landen zijn omgekomen toen zij vochten voor de Russen tegen de Duitsers. De levensstandaard in dit deel van de wereld is verre van hoog. In Iran hebben de mensen het economisch moeilijk, in Turkmenistan wordt men enigszins zoet gehouden door lage kosten energie.
Oezbekistan probeert met het toerisme de levensstandaard te verbeteren, maar meer dan een kwart van de 32 miljoen mensen leeft onder de armoedegrens. Kazachstan is het meest welvarend.
Als we de hoofdstad Asghabat binnenrijden, zien we een wit marmeren stad, prachtig aangelegde parken met waterpartijen en grote rotondes met gouden standbeelden. Onze gids vertelt dat meteen na de val van de Sovjet Unie in 1991, de eerste president Niazov deze wit marmeren stad heeft laten bouwen. Hij wilde de absolute grootheid van Turkmenistan (en van zichzelf) laten zien
aan de wereld.
De luxe weg en de parken worden schoongehouden door kleine groepjes vrouwen, alleen met bezem, blik en emmer. Het meest bizarre is, dat we bijna geen mensen zien, niet in de parken, niet in of rond de ministeries en niet bij de appartementen. We vermoeden dat de meeste appartementen niet eens bewoond zijn. Als klap op de vuurpijl ligt er langs deze wit marmeren snelwegboulevard in het centrum van de stad een super luxe wit marmeren Olympisch dorp met een prachtige monorail. Het is gebouwd voor de Asian Indoor Martial Games 2017. Sindsdien staat het helemaal leeg!
Alles in Turkmenistan moet groter dan groot zijn. De volgende dag bezoeken we met onze gids de ‘grootste’ moskee van Centraal Azië, natuurlijk helemaal van wit marmer. We zijn de enige toeristen…… Aansluitend brengen we een bezoek aan het Nationaal Museum, helemaal van wit marmer.
Voor het museum is een ‘plein met terrassen en met (tot voor kort) de ‘hoogste’ vlaggenmast van de wereld: 133 meter. We worden uitgebreid rondgeleid door een vrouwelijke museumgids. Je gelooft het niet…..we zijn de enige bezoekers. Het gewone dagelijkse leven zien we niet. Als we willen lunchen brengt de gids ons naar een restaurant in de buurt van ons hotel. We hebben er heerlijk gegeten voor weinig geld, maar je raadt het al….. we zijn de enige gasten.