De meest inspirerende activiteit als fulltimepensionado is voor mij het lunchgesprek met vrienden of kennissen, één op één of met een groepje. De maandelijkse lunchgesprekken met mijn zeer muzikale vriend Koos hebben de laatste tijd vaak het brein als onderwerp. Meestal is de aanleiding een van de vele heftige gebeurtenissen in de wereld. Mijn vriend is een absolute fan van de theorie van het evolutionaire brein. Daar ligt de bron van alles wat we doen, dus ook van goed en kwaad. Het brein kan verdeeld worden in drie evolutionair ontwikkelde delen: de nog jonge neocortex waarmee we bewust en rationeel redeneren, het oudere zoogdierenbrein waar onze emoties, onze persoonlijkheid en een deel van het geheugen zit, en het oudste deel, het reptielenbrein, waar onze overlevingsdrang in zit. Volgens onderzoekers levert het nog jonge neocortex brein weliswaar grote denkkracht, maar het legt het heel vaak af tegen de oudere lagen. Het reptielenbrein maakt dat de ene treinpassagier bij het zien van een gewapende man in de Thalys onder de stoel duikt en een ander zich zonder na te denken op de man stort. Pas daarna kijken deze paasagiers hoe ze zich er verder uit redden. Zo met elkaar praten over de werking van ons brein doen we, naar mijn idee, per definitie in onze neocortex. Feitelijk zijn we in dat deel van de hersenen aan het denken over goed en kwaad, en dan vooral de mogelijkheid er tussen te kunnen kiezen. Maar, kunnen we in nood überhaupt bewuste keuzes maken, als ons zoogdieren- en reptielenbrein veel sterker zijn? Enigszins fatalistisch denk ik dan, dat gezien het tempo van de evolutie, ik er van mag uitgaan dat er in mijn korte leventje nauwelijks iets verandert en dat het ultieme kwaad ongrijpbaar blijft…. Tenzij we in staat zijn om neurochirurgisch op de juiste plek(ken) in te grijpen en daar elektrodes plaatsen die van buitenaf de juiste stimulus respons kunnen bepalen. Maar onze neocortex denkkracht maakt het nog lastiger. Feitelijk hebben we in die discussies over het brein de termen goed en kwaad als zodanig nog niet geduid. Ook dat is niet eenvoudig. Het ligt er aan vanuit welke invalshoek je er naar wilt kijken. Vanuit de ethiek, dus onderdeel van filosofie? Vanuit de psychologie om menselijk gedrag en redenen te kunnen verklaren? Of vanuit de theologie hoe je er mee om kan gaan? Is goed en kwaad objectief te duiden of is het subjectief? Is het kwaad moreel te duiden en hoe is het dan met het zogenaamde natuurlijke kwaad, zoals een natuurramp? En worden veel goed en kwaad discussies niet gestuurd in de richting van hoe wij als mensen onze God zien? Kan er een God zijn die de ene mens opdracht geeft om de andere mens te dwingen in diezelfde God te geloven en zo niet, om dan maar zijn hoofd af te hakken? En welke invloed oefent de persoonlijke, maatschappelijke, culturele omgeving uit, waarin je opgroeit en leeft? Hoeveel keuzevrijheid heb je? En ook, hoe verhullend of splijtend kan taal niet zijn?

SAMSUNG CAMERA PICTURESOnze lunchgesprekken beginnen altijd relaxed en overzichtelijk. We prijzen het leven in allerlei toonaarden en zijn tevreden met wat we hebben. Vooral als het zonnetje schijnt kan ons niets gebeuren. Maar al snel komen we te praten over goed en kwaad en onze theorieën daarover. We lijken alles onder controle te hebben. Maar vragen roepen nieuwe vragen op en vervolgens wordt ons gesprek heftiger en persoonlijker. Ik merk dan bij mijzelf dat er angst, boosheid en soms ook verdriet opspeelt. De emoties gaan niet meer over het goed en kwaad dat mijn huiskamer binnenkomt via allerlei media, maar het komt dichterbij en gaat tijdens dit lunchgesprek tussen mijn vriend en mijzelf zitten. Het gaat nu over onszelf als individuen. Ik merk dat we in die fase van de discussie extra goed op onze woorden gaan letten: zeggen we niet hetzelfde, terwijl we het anders formuleren? Begrijp ik wel wat de ander zegt? Tegen het eind van de lunch maken we altijd met elkaar de balans van het gesprek op. Op die momenten zoeken we nadrukkelijk de verbinding en die vinden we in onze vriendschap. Het houvast in het leven is er weer. Binnen de kortste tijd steken we in allerlei superlatieven de loftrompet op het leven…..

en gaat ieder weer vol goede moed zijns weegs…..