Rondreizend in het huidige Iran kan ik me niet goed voorstellen dat het oude Perzië de bakermat van onze (westerse) beschaving is. De Iraniërs, die wij onderweg ontmoeten zijn vriendelijk en open, maar toch bekruipt mij na een paar dagen een ongemakkelijk gevoel. Je voelt dat alles en iedereen geleefd en bepaald wordt door het ene ware geloof, de Islam. Deze sfeer voelt zelfs beklemmend als we na twee dagen Esfahan de pelgrimsstad Mashad bezoeken.
In de trein van Esfahan naar Mashad zijn wij wederom de enige buitenlanders. De andere reizigers zijn voornamelijk pelgrims, die de verjaardag van de heilige Imam Reza gaan vieren. Deze imam stierf in het jaar 818. Voor de miljoenen shi’iten is zijn schrijn in Mashad een bedevaartplek. Gedurende de achttien uur durende reis, stopt de trein eenmaal extra bij een stationnetje waar een gebedsruimte is, zodat de pelgrims daar kunnen bidden. Bij aankomst krijgen alle reizigers een gratis dinerbon uitgereikt ter gelegenheid van de verjaardag van Imam Reza, ook wij.
Mashad is qua chaos, verkeer en hitte haast nog erger dan Teheran. De gids die ons daar opwacht stelt voor eerst de tombe van de grootste Perzische dichter Ferdowsi (935-1020) te bezoeken. Hoewel zeer de moeite waard, ligt deze tombe ver buiten de stad en staan we lang in files. Aansluitend bezoeken we de grootste en beroemdste moskee in Centraal Azië. Wij worden rondgeleid door een speciale gids, volgens mij van de sharia politie. De hoofddoek van mijn lief is niet acceptabel. Zij krijgt een chador en moet deze aan, zodat je geen vrouwelijke vormen meer kan zien, alleen het gezicht. Het is even slikken. voor haar en voor mij. Ma
ar ja, hoe vreselijk ook, het zijn wel ervaringen die we opzoeken met dit type reizen. Op het immense complex kunnen maar liefst één miljoen mensen (!!!) tegelijk bidden. Mijn lief wordt verschillende malen door de sharia politie met een soort Sorbo plumeau aangetikt, omdat er een plukje haar zichtbaar is. We lachen er maar een beetje besmuikt om. Bij de schrijn van Imam Reza mogen we niet komen van onze speciale gids, omdat we geen moslims zijn.
Bij terugkomst in ons hotel biedt de gids aan om in de avond met hem naar de schrijn inclusief het gratis verjaardagsdiner te gaan. Eerlijk gezegd heb ik het op dat moment helemaal gehad met die plek. Uiteindelijk dringt hij er op aan voor ons in ieder geval de gratis diners te gaan halen. Hoe dat kan, dat er zomaar tienduizenden gratis maaltijden worden verstrekt en waarom bijvoorbeeld mijn lief een nieuwe chador krijgt, wordt mij duidelijk uit een artikel van ‘onze man in Teheran’ Thomas Erdbrink. Hij schrijft dat bijna heel Mashad en de provincie in het bezit is van de schatrijke, religieuze stichting: het Pure Hof van Imam Reza.
Ondanks de strakblauwe lucht is het straatbeeld in deze stad grijs en grauw. Ik voel hier tot in mijn diepste vezels de repressie. Natuurlijk weet ik dat er overal op de wereld mensen onderdrukt worden. Echter er zijn maar twee landen, Iran en Saoedi-Arabië, waar staatkundig sprake is van een volledig geïntegreerde sharia inclusief lijfstraffen en doodstraf voor o.a. homoseksueel contact, overspel en afvalligheid. In 2013 zijn 660 personen geëxecuteerd. Saoedi-Arabië doet net zo hard mee. Daar worden doodstraffen uitgesproken over minderjarigen, arbeidsmigranten en mensenrechtenactivisten…..En dan te bedenken dat in dat land Mekka ligt, waar jaarlijks miljoenen moslims, ook uit Nederland, op de hadj gaan en naderhand zeggen gelouterd terug te komen……Ik begrijp het niet….
De ervaringen in deze zes dagen Iran hebben we niet willen missen. Maar we zijn blij en opgelucht morgen naar Turkmenistan door te kunnen reizen, overigens ook een land vol onderdrukking. In ieder geval kan de hoofddoek van mijn lief de prullenbak in, kan ik de korte broek tevoorschijn halen en kunnen we samen straks hand in hand op een terrasje een heerlijk koel biertje gaan drinken.
Nauwelijks bijgekomen van Teheran, heeft de gids ons ’s avonds om tien uur alweer bij het station afgezet voor de nachttrein naar Esfahan. Omdat we zowel het treinkaartje, als de aankondigingsborden niet kunnen lezen, zoeken we contact met treinpersoneel. We maken uit de reacties op dat de trein vertraging heeft. In de drie uur (!) dat we in de grote hal zitten te wachten, zijn we een echte bezienswaardigheid. Er worden stiekem foto’s van ons gemaakt, anderen willen openlijk met ons op de foto en weer anderen proberen een gesprekje in zeer gebrekkig Engels te voeren. We worden tig keer gewaarschuwd dat onze trein er nu is…., maar dan blijkt het toch niet te kloppen. Eindelijk rond half één ’s nachts is het zover. We delen de coupé met een jong Iraans stel. Ook zij spreken geen Engels, waardoor het sfeertje in deze kleine, benauwde coupé een beetje Kafkaiaans aanvoelt. Gezien het late tijdstip proberen we maar snel te gaan slapen. De Iraanse vrouw houdt die nacht angstvallig haar hoofddoek om.
Onrustig slapend in deze nachttrein roept de naam Perzië bij mij herinneringen op. Ik denk aan de uitdrukking ‘Dat is een wet van Meden en Perzen’. Ik kan mij ineens het gezicht van de Sjah van Perzië voor de geest halen. Hij was bevriend met ons koningshuis. Ik moet denken aan de sprookjes van Duizend-en-een-nacht, die ik in mijn puberteit met rode oortjes heb gelezen. En dan er is de naam van de stad waar we naar op weg zijn, die mij bekend voorkomt: Esfahan. Na enige hersengymnastiek weet ik het.
Het is het gedicht ‘De tuinman en de dood’, dat ik tijdens mijn lagere schooltijd uit mijn hoofd heb moeten leren. In de jaren vijftig was het een didactisch principe om door middel van het uit het hoofd leren van gedichten, het geheugen van kinderen te trainen. Ik weet nog dat ik dat erg leuk vond en het goed kon. Zo dreunde ik ook als tienjarige het redelijk lange gedicht ‘Boerke Naas’ van Guido Gezelle moeiteloos uit mijn hoofd op.
Moe van de vele indrukken en de hitte (40+) kunnen we eind van de middag op onze hotelkamer met airco even bijkomen. Het lijkt alsof we al weken onderweg zijn. We vinden de paar Iraniërs die we ontmoet hebben erg aardig en heel open naar ons. In het westen wordt Iran als een grote bedreiging gezien vanwege de vermoedens dat er plutonium wordt opgewerkt voor kernwapens. Vlak buiten Esfahan ligt zo’n kerncentrale. De jarenlange westerse sancties raken vooral de gewone burger en de angst voor de nieuwe sancties vanuit de V.S. is dan ook groot. Onze gidsen in Teheran en Esfahan zijn daar eerlijk over. Kort geleden vonden er betogingen in verschillende Iraanse steden plaats, die ook gericht waren tegen corruptie bij de overheid en die al snel uitliepen op anti-regeringsbetogingen. We bedenken ons, dat de nabije toekomst er voor de 80 miljoen Iraniërs op dit moment niet hoopvol uitziet.
Met het visitekaartje van ons hotel op zak, voor de zekerheid als we de weg niet terug kunnen vinden, gaan we deze tweede avond op zoek naar een eetgelegenheid.
Het is vijf uur vliegen van Schiphol naar Teheran. De Boeing zit vol met Iraniërs uit Nederland, de VS en Engeland die, zo denken wij, met vakantie gaan in hun geboorteland. Iedereen ziet er modern en westers uit. Dan, als we geland zijn, worden grote handtassen uit de bagagerekken gehaald en doen alle vrouwen een hoofddoek om. Sommigen bedekken nog andere lichaamsdelen met verhullende kleding. Wellicht wat naïef heb ik niet meteen door dat mijn lief ook een hoofddoek moet dragen. Ze heeft er gelukkig zelf wel rekening meegehouden.
We hebben gekozen voor een reis van drie weken door Iran, Turkmenistan, Oezbekistan en Kazachstan. Een route van 3000 km per trein en auto langs een van de oude Zijderoutes. Het reisbureau (Mevoreizen) heeft alles voor ons geregeld: de transfers, de hotels en de gidsen ter plaatse. Op die manier kun je binnen de mogelijkheden van het land redelijk comfortabel reizen. In no time sta je dan vanuit het welvarende en vrije Nederland op 22 juli 2018 in het door het westen verfoeide Iran, het eerste land op onze reis. De leiders zelf vinden deze Islamitische Republiek een religieuze democratie. Er is een gekozen president en een parlement. De feitelijke macht ligt echter bij de geestelijk leider en de Raad van Hoeders. Zij toetsen alle beslissingen aan de Islamitische wetgeving, de Sharia. We bezoeken deze eerste dag een oude leger/defilé plek midden in Teheran, de Grote Bazaar en het prachtige Golestan Paleis. Begin van de avond maken we een autoritje in de bergketen rond Teheran.
Al heel snel is in al onze poriën dit ayatollah regime zichtbaar en voelbaar. Onze Engels sprekende gids blijkt niets van dit regime te moeten hebben. Hij vertelt ons dat in Teheran ruim 70% een ander regime wenst, maar de repressie is groot. Op onze vraag wat hij van Trump vindt, is hij heel duidelijk: een mafkees waar veel Iraniërs toch blij mee zijn, want hij pakt het regime aan. Veel Iraniërs willen een omwenteling, maar geen revolutie, geen bloedvergieten.
Normaal pinnen met bankpasje is lastig in deze landen. Daarom zullen we de komende weken onze meegenomen cash dollars telkens inwisselen voor lokaal geld. In Iran doe je dat op de zwarte markt, zei onze gids. Met zijn hulp wisselen we op de Grote Bazaar 200 dollar. Vertrouwend op de gids krijgen we een paar dikke pakken geld met een elastiekje er omheen. Met enige moeite proppen we miljoenen Rial in de geldbuidels onder onze kleding. Als we twee dagen later de overgebleven stapel bankbiljetten tellen, blijkt dat we volgens de officiële koers nog steeds voor 200 dollar Iraans geld hebben. We hebben op de zwarte markt bijna twee keer zoveel als de officiële wisselkoers gekregen….
Mannen zie ik niet in korte broeken lopen, ondanks de 40 graden. Ik pas me daarom maar aan. Deze eerste dag is op alle fronten heftig. Niet alleen vanwege het straatbeeld met al die gesluierde vrouwen, inclusief mijn lief, maar ook de totale chaos van auto’s, bussen, brommers, mensenmassa’s in deze miljoenenstad met permanente files en gigantische luchtverontreiniging.