I have a dream….

De laatste tijd word ik tamelijk moedeloos over alles wat er in de wereld om mij heen gebeurt en ik zal niet de enige zijn. Klimaatontwikkelingen, natuurrampen, oorlogen, vluchtelingen, toenemende polarisatie tussen bevolkingsgroepen bij de Amerikaanse verkiezingen en de Nederlandse verkiezingen, dit alles krijgen we dagelijks voorgeschoteld via allerlei media. Er is nauwelijks of niet aan te ontkomen. Hoe doseer en verwerk je dit negatieve nieuws zodanig dat ‘hoop doet leven’ je dagelijkse mantra wordt?

Daarvoor heb je energie nodig, mentale energie en ik merk dat ik die niet zo maar voor het oprapen heb. Eigenlijk neemt deze langzaam af. Dat houdt in dat ik de energie die ik heb, moet leren doseren. Dat geldt zeker voor het opnemen en verwerken van al die dagelijkse ellende, laat staan het willen delen met anderen. Ik wil geen ouwe zeur zijn in mijn omgeving. ‘Laat het los’, appt mijn dochter, ‘zonde van de energie, je kunt er op dit moment niks aan veranderen.’ Mijn kinderen zijn veel hoopvoller over de toekomst en dat begrijp ik. Op mijn veertigste was ik dat ook.

Toch kan ik er wel wat aan doen, denk ik dan. Ik wil hoop en vertrouwen in de toekomst houden en dat uitstralen in mijn omgeving. Een relatief korte toekomst van mijzelf, maar een lange voor die van mijn kinderen en kleinkinderen. Ik kan daarbij gelukkig putten uit het leven van mijn lief en mijzelf. Wij hebben meegemaakt dat onze ouders na de verschrikkelijke ellende van de 2e W.O. met hard werken en veel goede hoop, ons een leven vol welvaart en vrede hebben kunnen geven. Wij hebben zelf dit jaar samen met de kinderen en kleinkinderen ons 50-jarig huwelijk gevierd. Tijdens een heerlijk weekend van samenzijn hebben we hoop en liefde met elkaar gedeeld.

Waar ik eveneens hoop en energie bij voel is het Hindoestaanse Divali feest dat deze week gevierd wordt in het gezin en de familie van onze schoondochter, zoon en onze twee kleinkinderen. Divali wordt gevierd om het licht te verwelkomen in het leven. Het Licht staat symbool voor ‘de overwinning van het goede over het kwade, de overwinning van het licht over de duisternis, de overwinning van de gelukzaligheid over de onwetendheid’. Divali is een vrolijk feest voor iedereen, voor jong en oud, arm en rijk.

Kijk ik op wereldschaal naar hoop en vertrouwen, dan denk ik aan de aanstaande verkiezingen in Amerika, waar angstige tijden aangebroken zijn vanwege de enorme polarisatie tussen Republikeinen en Democraten. Ik heb nog eens gekeken en geluisterd naar de wereldberoemde speech I HAVE A DREAM…. van Martin Luther King uit 1963. Hij heeft zijn geweldloze verzet tegen de rassenscheiding vijf jaar na die speech met de dood moeten bekopen. Hoopvol is dat heel veel van zijn ‘Dreams’ daarna werkelijkheid zijn geworden. Hoe belangrijk is het, juist in periodes van grote onderlinge haat, hoopvol te blijven en geloven in betere tijden.

Zelfbeschikkingsrecht….

Meer dan voorheen kan ik relaxed zitten na te denken over mijn leven. Terugkijken en over het verleden mijmeren hoort een beetje bij het leven van een pensionado. Ik realiseer mij dan dat leven vaak een kwestie is van ‘vallen en opstaan’. Minder relaxed zit ik wel eens na te denken over de rest van mijn leven en de onherroepelijke dood. Ik vraag mij af of ik ‘vallen en opstaan’ kan volhouden als ik zó aftakel dat er vooral sprake is van ‘vallen’?

Steeds meer ouderen denken na over euthanasie bij ondraaglijk lijden. Er zijn zelfs hoogbejaarde ouderen die vinden dat als hun leven voltooid is, zij willen kunnen kiezen voor de zelfgekozen dood met het zelfdodingsmiddel X. Deze roep op het recht van zelfbeschikking wordt groter. In de media wordt er veel aandacht aan besteed. Het OM heeft zelfs diverse personen voor de rechter gebracht voor hulp bij zelfdoding door het verstrekken van het Middel X.

Dat we steeds ouder en ouder worden is te danken (of te wijten?) aan ontwikkelingen in de gezondheidszorg wereldwijd. Voor allerlei ernstige ziektes en kwalen ontwikkelen we medicatie en hulpmiddelen. Vanaf ons prenatale stadium tot aan onze dood kunnen we min of meer zelf kiezen om wel of niet ingeënt te worden, een pil te slikken of een bepaalde behandeling te ondergaan. Ik heb bij die vrije keuze nooit zo stil gestaan. Maar nu ik 78 jaar ben en het perspectief van een mogelijke, onherroepelijke aftakeling dichterbij komt, denk ik meer na over die vrije keuze tot aan het recht op zelfbeschikking.

Op veel straathoeken hangen tegenwoordig defibrillatoren, zodat je een hartaanval zomaar kan overleven. Heel veel ouderen dragen dag en nacht een alarmknopje bij zich, zodat eerste hulp snel ter plaatse kan zijn. Maar er zijn ook ouderen die een plaatje bij zich dragen, waaruit blijkt dat zij bij een hartaanval niet gereanimeerd willen worden. Die wens voelt nog vrij gemakkelijk. Vele malen lastiger is de vraag of ik ooit zou willen overgaan naar euthanasie of willen beschikken over het zelfdodingsmiddel X. Enkele jaren geleden hebben mijn lief en ik een levenstestament opgesteld, waarin enkele van deze wensen ten aanzien van ons levenseinde zijn verwoord. Inmiddels schuift onze mening en wens op naar grotere zeggenschap over hoe wij met ondraaglijk lijden aan het eind van ons leven om willen gaan.

Op Rijksoverheid.nl lees ik onder de kop ‘Gezond en sterk ouder worden’: “Het aantal ouderen in Nederland stijgt de komende jaren. Zij moeten kunnen rekenen op hulp en zorg die past bij hun situatie. En zo lang mogelijk zelf controle hebben en keuzes maken over hun leven.”

De laatste zin zou kunnen luiden: En zo lang mogelijk zelf controle hebben en keuzes maken over hun leven en hun dood….

Hoe lastig en ingewikkeld ook, wat mij betreft zou het zelfbeschikkingsrecht bij ondraaglijk lijden en/of voltooid leven binnen de wet en regelgeving op een uitermate verantwoorde manier mogelijk gemaakt moeten worden.

Savoir vivre ….

Dit jaar ben ik tien jaar met pensioen, een mooi moment om terug te blikken en vooral vooruit te kijken.

De rode draad in deze tien jaar is dat ik veel bewuster dan vroeger bezig ben mijn dagelijkse leventje zo goed en fijn mogelijk door te brengen. De eerste pensioenjaren wil ik in dat bezig zijn ‘er toe doen’, iets zinvols doen in de maatschappij, allerlei vrijwilligerswerk in mijn directe leefomgeving. Al gauw merk ik dat ik dat op dezelfde manier doe als voorheen in mijn werk: erg taakgericht en met veel verantwoordelijkheidsgevoel en doorzettingsvermogen. We voeren actie voor meer groen en schone lucht in onze wijk. Met medewijkbewoners starten we een wekelijkse Huiskamerochtend, waar buurtbewoners elkaar kunnen ontmoeten onder het genot van een kopje koffie of thee. Al snel ben ik daarnaast actief in het wijkorgaan Buurt Bestuurt. Dan als wij verhuizen naar een appartement in onze buurt meld ik mij meteen aan voor allerlei ondersteunende communicatieklusjes voor de VvE.

De laatste tijd verandert er iets wezenlijks. Regelmatig word ik ‘overvallen’ door een zwaar gevoel van verantwoordelijkheid bij al dit vrijwilligerswerk. Bij de Huiskamer van de wijk bijvoorbeeld vraag mij wel eens af hoe lang ik dit nog wil doen. En dan komen de vragen als: ‘Hoe moet het verder als ik stop? Gaat mijn collega dat dan verder alleen doen? Hoe teleurgesteld zullen de wijkbewoners zijn, die daar elke week even heerlijk met elkaar kunnen praten?’ En tegelijkertijd weet ik, dat ik het zelf ook leuk vind om in de Huiskamer mee te praten.

Mijn spankracht wordt minder en mentaal zit ik sneller dan vroeger aan mijn plafond. Gelukkig ben ik redelijk vitaal en voel mij gezond van lijf en leden. Dat kan in de nabije toekomst nog wel eens drastisch veranderen. Reden te meer, zegt dan een stemmetje in mij, dat ik best meer voor mijzelf mag kiezen en zo genieten van het leven samen met mijn lief.

Het taakgerichte verdwijnt min of meer en het gevoelsbepaalde komt centraal te staan. Meer en meer zoeken mijn lief en ik het savoir vivre gevoel. We passen graag een dagje op op de kleinkinderen (lees: spelen met). Mijn lief heeft de opleiding tot theesommelier gedaan en heeft daarin een nieuwe hobby gevonden. In het najaar ga ik weer via de HOVO een filosofiecursus volgen. Een nieuwe activiteit voor ons is bridgen, lastig om te leren maar sowieso een goede training voor je hersenen. In de zomer wisselen we het drukke en dynamische Rotterdam af met lange weekenden in het heerlijk rustige en landelijke Friesland. Fijn is dat wij ook in Friesland nieuwe sociale contacten opbouwen. Verder wil ik blogs blijven schrijven, klusjes doen in ons volkstuintje en af en toe lekker op vakantie gaan….. Kortom, als achtenzeventig jarige lekker bezig zijn binnen mijn mogelijkheden!